29 augustus 2014

Mist

achter in ons tuintje

Idyllisch hè? Bij zonsopgang hing er een sluier van mist over het landschap. Echt een cadeautje. Vlug, fotootje! Nog geen minuut later was het feeërieke effect alweer verdwenen. In de verte zie je de schapies alweer schuieren op zoek naar het lekkerste hapje gras. De koeien komen slaapdronken uit de stallen van de buurman geschommeld en de eerste tractor start zijn motor. Een nieuw dag.

Internetz

Des te zuiderlijker je als noorderling komt des te groter de verschillen zijn die je met je geboorteland ontdekt. Een open deur, geef ik toe. Meteen is dat ook de charme van een land voor jou als noorderling, slechts heel af en toe rijzen je de haren te berge.
Neem nu de internetz & telefonie. Op zijn zachts gezegd is dat op het platteland van LDF een ramp. Niet alleen de snelheid laat erg te wensen over: 1.5 Mb en lager, ipv de 8 zoals die bij het aangaan van het abo beloofd was. Zou je een film willen downloaden van 2Gib dan zou je dat meer dan een dag kunnen kosten. Ook de kwaliteit is niet meer van deze tijd. Je kunt niet eens door elkaar praten (half duplex), de lijn rommelt, klikt en ruist alsof het regent in de telefoonhoorn. Soms ligt de zaak eruit voor meer dan een dag. Sinds de laatste paar keren klinkt het ineens bij het pakken van de telefoon: voor uw aansluiting is een probleem geconstateerd reset uw modem/router om het probleem op te heffen. Denk ik zo maar, ben ik dan geschift of die gasten van Orange. Toch? Als ze dat bandje kunnen laten horen waarom zou de verbinding dan niet ok zijn? En waarom doen ze dat niet remote, daarvan weet ik dat ze dat kunnen.

Bij aanhoudende regen komt het voor dat niet alleen de stroom uitvalt maar ook de telefonie. Die leidingen lopen bovengronds in het dorp, logisch dan toch? Bij een storm gaat de zaak ook wel eens plat. Bij regen en storm houd ik dus mijn adem in want elk moment kan het weer gebeuren. Op een vaste plek staat de zaklantaarn, en er is een 1W led lampje aangesloten op de UPS, dus helemaal in het donker zullen we niet zo snel zitten. Zelfs het modem/router staat sinds vorig jaar op een UPS aangesloten toen dat uitvallen van stroom te gortig werd. Kon ik alsnog EDF bellen om de storing te melden. Optimist als ik ben, want bereik de EDF maar eens buiten werktijden. Op het Franse platteland begin je daarom overal oplossingen voor te zoeken, alsof je weer in een ver ontwikkelingsland zit. Door die UPS kun je de tijd nemen om indien nodig je werk op de compu op te slaan en de handel netjes af te sluiten. Vooral de RasPi's hier in huis zijn voor netjes afsluiten gevoelig, daar zijn we overigens wat voor in elkaar aan het knutselen. Zo'n ups houdt het natuurlijk ook niet eeuwig vol, een uurtje. Alhoewel met de nieuwe batterijen in aantocht zal dat wel langer gaan duren. Na dat uurtje gaat alles plat. Ook de circulatie pomp voor de SolarFarm, en dán: plof!

Dat het zo erbarmelijk gesteld is met het telefonie netwerk is wel te beredeneren (5 é 's wat een woord!) Een ding is, het dorp ligt aan het einde van de lijn. Het andere is de infrastructuur uit de 70-er jaren van de vorige eeuw. Bij Louise loopt er een onduidelijk draadje van de telefoonpaal naar binnen toe, de mantel is door het weer ernstig aangetast. Veel storingen dus. Dat touwtje wil de telecom niet vervangen, liever sturen ze iedere keer een monteur. Daarmee heb je het klassieke verhaal van kosten en baten. De provincie loopt immers langzaam leeg van bewoners. Sinds juni 2012 wonen er meer mensen in de steden dan op het platteland. Dat verschijnsel versnelt zich. Er trekken steeds sneller steeds meer mensen naar landsdelen met grote steden waar nog industrie en dus werk is, logisch. Dat dan de staatstelecom Orange, eigenaar van het netwerk, zegt, bekijk het maar op dat platteland, is niet zo vreemd. Grote pech is dat deze dienstverlener slechts de schouders ophaalt bij klachten over het netwerk en alleen in beweging komt als dat vanuit de politiek bevolen wordt. Daarmee schets je de situatie wel hier.

update: 20140902
meten is weten, langzamer dan 89% van de rest
Bij mijn aankomst in LDF, dik zes jaar geleden, zag ik dat er langs de provinciale wegen glasvezel kabel in de grond werd gegraven. Hoi dacht ik glasvezel het huis in, +20Mb voeding, dat wordt dikke lol. De praktijk is weerbarstiger dan ik dacht. De kabels liggen weliswaar tussen de grotere dorpen in, maar daar is het bij gebleven. In St. Loup, een plaatsje 15 km hier vandaan, zijn ze vorig jaar ineens gaan graven en staan er in dat dorp nu enkele nieuwe centrale verdeelkasten. Over zes jaar gaan ze dan ws glasvezel naar de voordeur brengen. Wellicht maak ik het nog mee dat er een nieuwe centrale doos in Mailleroncourt neergezet gaat worden zodat er over 12 jaar glasvezel tot de voordeur is. Tegen die tijd zijn mijn schatje en ik dan wel verhuist naar een wat kleinere woning in de buurt van een grote stad waar glasvezel wellicht standaard in de meterkast zit. Op het platteland gaat alles nu eenmaal in een veel gezapiger tempo. Dat heeft naar mijn idee wel meer voordelen dan dat telefoon en internet bij tijd en wijlen plat ligt.

26 augustus 2014

Chippie RIP




Chippie meets Bios

Chippie was de opvolgster van de kat Bios, alweer vier jaar geleden. Ze heeft het niet lang mogen maken in LDF. Vorige week is namelijk onze kat Chippie door een (wilde) hond te pakken genomen. De buren vonden hem zieltogend op straat. Ze hadden hem aan de kant geveegd zodat ie niet door de auto's tot pulp werd gereden. Rare plek want Chippie was niet gek op de straat en bleef eigenlijk altijd achter in het weiland rotzooien. Daar was meer buit te halen. Hond? Zoiets ja. Een heel stuk uit de borstkast was verdwenen. Een andere conclusie ligt niet zo voor de hand.
Met gepaste waardigheid hebben we Chippie in de tuin begraven en er een struik bovenop geplant. Zo gaat diens Karma in een mooie struik over.

OK, ik was niet echt gek van 'm, hij was meer Fannie's beest. We verdroegen elkaar in huis, zo was dat tussen ons. Dat heb je zo met katten, die hechten zich aan bepaalde mensen en aan anderen heeft ie de pest. Behalve als het op de hap aan kwam dan hè! Dan wist ie me feilloos te vinden. Nu is Chippie met de grote overtocht bezig, op weg naar een eeuwig warme plek en een hand die hem streelt.
mjammie! vogeltje!
Het was wel een hartstikke goede jager. Hij plukte zomaar een zwaluw uit de lucht, en muizen hadden absoluut geen kans hier in huis. Vliegen lustte ie ook wel, maar spinnen waren alleen om mee te spelen, totdat het batterijtje op was natuurlijk. Als Chippie een paar maanden weg was en bij Fannie logeerde dan hadden de muizen natuurlijk feest hier in huis. Een oud huis op het platteland trekt als een magneet op muizen en ander ongedierte. Zodra Chip weer op zijn post was dan was de pret heel snel over en vond ik elke dag wel een kadootje.

Tijdens het koken hoefde je maar even met het mes op de snijplank te tikken en hop, een paar seconden later voelde je die kat langs je pijpen strijken. Bij het snijden van het vlees hield ik de snijresten apart. Dan begon het spel tussen ons. Een stukkie vlees goode ik dan naar 'm toe dat ie dan uit de lucht opgraaide. Uiteraard mikte ik altijd op zijn kop om het 'm moeilijk te maken, maar dat beest was sneller als de bliksem!

Chip en de eerste keer sneeuw
Reizen ging ook prima met 'm. Je propte het beest in zo'n reismandje en na een paar keer kermen viel ie in slaap. Een kleine 600 km verder deed je de klep open. Hij keek dan een beetje om zich heen en foetsie weg was ie. Na een paar minuten mekkerde hij dan aan de keukendeur om bij de voedselbak te kunnen. Voor hem was het net een soort everywhere door waar hij dan doorheen ging. (een kreet uit de Science Fiction: je stapt door een deur en je bent direct op je bestemming). Van het ene huis naar het andere in slaaptijd. Dat werkte beide kanten op. Van LDF naar NL en andersom. Ter plekke keek ie een paar seconden om zich heen, rook even aan van alles en klaar. Poes was weer thuis.

Tja graaien in een bakkie met kwark...
Chippie kon bij tijd en wijle uiterst vervelend zijn. Steevast rond half vijf in de morgen moest ie eruit en begon dan aan de deur te krabben, mijn leesstoel te verruïneren en/of doordringend te mauwen dat ie naar buiten wilde. Dat ging zo door totdat ik hem naar buiten liet. Soms ging dat wat subtieler, dan ging ie op zijn kont voor de deur zitten en wachtte tot ik de deur open deed. Kattenluikjes door dubbel glas heen lijkt niet zo praktisch te zijn. De hele dag zag je hem dan rotzooien in de wei bij de schapen op jacht naar alles wat bewoog en aanmerkelijk kleiner dan hijzelf was. Held op sokken. In de winter lag ie in de avond altijd op mijn voetenbankje voor de gloeiendhete haard te snorren en kon dan verstoord kijken als ik het waagde mijn benen te verleggen. Wat een beest! Uit voorzorg mikte ik Chippie dan wel eens 's avonds naar buiten, dan kon ie in het hooi bij de schapies slapen, of er tussen in zo te ruiken.

Het is gek, maar iedere keer als ik wat vanuit mijn ooghoek zie bewegen denk ik dat het Bios of Chippie is. Bios was meer mijn kat en Chippie Fannie's.

Goede jacht Chippie en hopelijk vind je voldoende stoelen die je aan gort kunt krabben.

Inmiddels is er een nieuwe poes uit het asiel geadopteerd, weer een volledig zwarte. Nah ja, er zal wel weer een drukfautje te ontdekken zijn. Meteen maar omgedoopt in Raspi. (vgls: RaspberryPi computer) Alle beesten krijgen een soort of IT naam hier. ;=) Volgens mijn schatje bekte dat niet lekker en leek teveel op Chippie... Als werknaam houden we voorlopig aan: Qubit ( zoals ze bytes bij de huidige computers noemen is dat qubit voor quantum computers, zo ongeveer dan ) Over een maand komt ie hierheen en dan kan de jacht op muizen weer beginnen. Hoewel, het duurt natuurlijk even voordat de vergelijking kat + muis = kattenmaag post vat in het brein. Misschien is Qubit dan ook niet eens zo'n gekke naam, kan ie alle mogelijke oplossingen en gedaantes aannemen totdat de definitieve keuze is gemaakt, geheel overeenkomstig met quantum computing ;=)


23 augustus 2014

SolarFarm V4

Het is weer eens tijd om bij te kletsen over de ontwikkelingen van de zonnecollector. De zonnecollector, hier bekend staande onder SolarFarm, is een van die projecten waar voortdurend aan gesleuteld wordt. Het is begonnen als iets experimenteels, heftig in de hobbysfeer, ok ok, als proof of concept dan. Die zomer liepen de zaken nogal soepel, ondanks dat het warme water in een open oliedrum werd gepompt en via een spiraal die we daarin hadden gefrutseld het zwemwater de warmte opnam. De POC was dus zeer succesvol ondanks die nogal primitieve warmtewisselaar. Primitief of niet, bijna alle energie werd afgegeven. Efficiënt was ie dus wel.

Project

Volgens de regels van projectmanagement mag je daarna de volgende stap doen. Dat werd de aansluiting op het winter atelier. Een megaklus met een kleine graver om gleuven te graven, meer dan 150 meter pijp en leidingen verdwenen in de grond en het eerste –handbediende– schakelpaneel in de garage was een feit. Het atelier werd 22 graden in de winter, een beetje aan de warme kant om in te werken, dat dan weer wel. Daardoor raakte mijn schatje overtuigd van de waarde van de SolarFarm en werd het tijd de rest van het huis erop aan te sluiten. Het is nu een van de reguliere projecten geworden van Le Mouton Qui Rit. Uitgegroeid van: “laten we eens kijken of we het zwembad op kunnen warmen met iets van zonneenergie” tot een serieus concept om zoveel mogelijk de behoefte aan warmte te gaan afdekken met de SolarFarm. Althans van wat praktisch haalbaar is. Een dekking van 100% is vanzelfsprekend een illusie op deze breedte graad, met dit klimaat en met een huis van bijna 200 jaar oud. De investering die daarvoor nodig zou zijn is absoluut niet te rechtvaardigen.
Vanaf het begin hebben we ook gesteld dat de solarfarm in kleine stapjes opgebouwd zou worden en bij iedere stap werd bekeken of het zin had om uit te breiden, wijzigingen aan te brengen of te stoppen.

Uitbreiding

Dit jaar zijn er bijvoorbeeld 48 buizen bijgeplaatst en staan er 9 rekken voluit te collecteren. Effect? Nadat alle buizen er in zaten en het systeem opnieuw was gestart zagen we de uitgangstemperatuur van de collector, bij een half bewolkte hemel, 5 graden meer uitleveren dan eerst!

De grafiek laat echter ook zien dat niet alle geleverde energie door het zwembad wordt opgenomen. De lijn van de temperatuur van de SolarFarm blijft immers gedurende de dag relatief meer stijgen. Zou alle energie afgestaan worden dan was die lijn vlak gebleven. Zoals dat in de winter grafieken goed te zien is. In de winter geen probleem, deze zomer heb ik de SolarFarm al twee keer af moeten koppelen omdat de warmte nergens heen kon. Wellicht dat er volgend jaar er weer twee rekken bijkomen, dat is zonder serieus graafwerk nog wel te doen. Eerst maar eens evalueren hoe er deze winter gescoord wordt.

Hier een fotootje van het schakelpaneel versie 4. Tegelijkertijd hebben we een vulvat (omgebouwde boiler) voor de antivries er maar bijgeplaatst (r.o.in foto). Leek ons net zo makkelijk. Daarmee kun je ook het systeem in een paar tellen drukloos maken zonder dat het een waterpartij wordt. Waar dat voor dient komt later nog wel eens aan de orde.

POE

Een nieuw deel van onze proeftuin is alle electronische onderdelen via wat ze noemen PoE (power over ethernet) van spanning te voorzien. Opnieuw is er een proof of concept opgezet. Waarmee ik hoop dat de kluwen aan trafo's die nu aan het ontstaan is geëlimineerd gaat worden. De power wordt verdeeld via dat groene kaartje in het midden op de foto hieronder.

PoE werkt net zo als bij de ouderwetse telefoons, de benodigde spanning kwam via de telefoonkabel het huis in. Zo gaat er 48V over de netwerk kabel naar een aantal apparaten die voor PoE geschikt zijn. Het access point bij het zwembad wordt nu op die manier, via de netwerk kabel, van stroom voorzien, niks geen stopcontact met een trafo meer nodig daar. Althans zo zou het moeten werken, het AP zelf werkt prima. Het PoE ding zelf, werkt iets anders zoals we dat bedacht hadden. Daar gaan we nog even over leuteren met de Chinese fabrikant. Alle onderdelen van de eerste generatie electronica zijn in ieder geval wel netjes opgeborgen in het witte kastje rechts. Och, het oog wil ook wat.

Enfin

Wim en ik sleutelen dus gewoon door. Is het geen upgrade van het schakelpaneel, dan is het wel het bijplaatsen van buizen of er is weer een nieuw ontwerp van de warmtewisselaar dat nodig uitgeprobeerd moet worden. Na het bijplaatsen van buizen ontstond er namelijk meteen een breingolf sessie.

Stelling: met een efficiëntere warmtewisselaar zou je in de zomer bij de huidige opstelling meer warmte / energie ter beschikking krijgen en die kunnen opslaan in de accumulator.

Zo zouden de boilers en de hottub voorzien kunnen worden van warmte. Scheelt al weer een hoop kilowatjes. Dat houdt echter een keertje op, het afnemen van warmte. De boilers vragen niet altijd warmte, de hottub is op een bepaald moment warm genoeg. En dan? Zou die mega thermosfles in de grond er dan alsnog moeten komen? Of installeren we een soort van rolluiken boven de solarfarm om zo de input te kunnen regelen, net zoals ze dat met kernreactoren doen met z.g. regelstaven, zeg maar. Die dikke duimen van me toch hè?!

Een paar jaar geleden heb ik met een techneut op dit gebied eens wat berekeningen op een bierviltje gemaakt. Die berekeningen gaven aan dat er 15 rekken in totaal geplaatst zouden moeten worden om in de winter voldoende warmte voor het huis te kunnen genereren. Tijdens de zomersituatie is er al een kleine overcapaciteit geconstateerd die dan via de boilers gebufferd kan worden. Maar als die zes extra rekken er gaan komen gaat dat in de zomer zeker een probleem opleveren als we daar niets ingenieus voor bedenken. Wim's voorstel om dan maar een koeltoren te installeren is mooi als vinger oefening maar vrij zinloos. Soort van je zet er een uitbreiding bij en vervolgens laat je de opgewekte warmte de lucht in gaan. We denken gewoon verder na.


Wordt vervolgd.

20 augustus 2014

LMQR 1

Nee er wordt niet gestopt met bloggen, zoals enkele lezers me vroegen. Toegegeven het leek er sterk op. Schrok ik ook ff van: bijna 4 weken geen blogje. Dat gaan we de komende weken goedmaken. Er zijn tussendoor wel wat korte stukjes geschreven maar meer in de geest van notities van wat er zoal passeerde in Le Mouton. Dus serveer ik die de komende tijd kalmpjes aan uit.
Het einde van het seizoen begint ook in het zicht te komen zodat het op mijn eentje weer redelijk goed behapbaar wordt. Weer meer tijd voor andere dingen dus. Ook om weer tochtjes op de motor te maken.
Deze zomer hadden we weer een stagiaire en uiteraard was mijn schatje er ook. Samen namen ze het leeuwendeel van het huishouden voor hun rekening. Zelf had ik dan nog de entertainment van de gasten, koken, het voorzien van informatie over wat er hier te doen valt, de onderhoudsklussen en wat reparatiewerk. Of de schoonmaakklusjes die de dames niet zo fijn vonden zoals het leegmaken van de douchputjes. Doet me niks, stinken doet het in Pernis, een beetje rioollucht is echt niet ongezond. Uiteraard wel goed je handen wassen daarna, dat lijkt me normaal. Afijn, de komende blogjes staan zo half en half op stapel.

De toestand in LMQR (Le Mouton Qui Rit)
Medio juni haalde ik onze stagiaire Fiseko van het station in Epinal af. Precies op tijd voor de eerste invasie van gasten in het seizoen. Zij moest meteen vol op het gas trappen om de kamers de volgende ochtend voor de nieuwe lichting gasten op orde te brengen. De deal met haar was dat ze gemiddeld 6 uur werkte en de rest van de dag aan haar thesis kon schrijven tegen kost en inwoning en conversatie in het Frans. Een perfecte oplossing voor beide partijen. De kamers vielen dan onder haar supervisie en Fannie en ik pakte dan de rest op. Af en toe kookte ze een van haar nationale (zuid Afrikaanse) gerechten die echt lekker waren. Weer een mooie aanvulling op onze recepten: gekruide kip met krokante korst en de beroemde ZA milk tert (een soort tira missu). Zo hebben we vorig jaar de Egyptische tuin als aandenken overgehouden aan Essam en nu twee recepten van Fiseko. Dat gaat een rijke verzameling worden als we de komende jaren weer een stagiaire mogen ontvangen. Nu zijn zowel Fannie weer aan het werk als de stagiaire weer op de terugreis.
Overigens een vliegenplaag zoals we vorig jaar hadden is gelukkig uitgebleven. Alleen in het appartement wilden die zwarte krengen zich nog wel eens verzamelen in cohorten van vier. Een paar minuten heftig vliegen aan gort meppen brengt die overlast meestal wel weer terug naar hebbelijke proporties.


Ontbijt
Maar goed. Om 7 uur gaat nog steeds de wekker af en na met wat frisse ochtendlucht de longen gelucht te hebben op naar de bakker. Dan tafel dekken, thee en koffie maken, brood op tafel en de verschillende beleggen opstellen. Soms een eitje koken (echt niet alle gasten stellen prijs op een gekookt eitje in de morgen). Wat wel erg gewaardeerd wordt zijn verschillende soorten brood op tafel. Daar doe ik dan moeite voor en rij desnoods wat verder om de nodige variatie te krijgen. Een pain de kilo is wel de favoriet gebleken bij de gasten. Pain de kilo is een joekel van een brood, zo lang als je onder arm zeg maar. Of, groter dan een gemiddeld toetsenbord met numeriek deel eraan. Pain de kilo weegt meestal net even wat meer dan 1000 gram en wordt, zoals al eens eerder beschreven, op gewicht verkocht. Aan tafel mogen de gasten dan hun best doen daar fatsoenlijke plakken van te snijden.


Midi
Voor een groep gasten mochten we ook weer een verjaardags maaltijd maken. Dit keer als midi, het middagmaal. De jarige was een hoogbejaarde dame die door haar kinderen vertroeteld werd om haar tijdens het verblijf van alle gemakken te voorzien. Lekker onder een dekbed gezeten had ze het ook niet meer koud.
Begonnen werd met een heldere groente – uiensoep, gevolgd door medaillons de filet mignon in lichte tomaten roomsaus. Als dessert flensjes gevuld met roomijs gegarneerd met een fait á maison zoete saus van fruit de coco (een lokale gele pruim). Altijd een succes nummer die flensjes met wat erin en erop. Een kop sterke koffie topte het geheel af. Wijnen: uit de pays d'Oc een Muskat demi sec, goed gekoeld. De rode wijn was die van Corsica – IIe de beauté en bij het nagerecht Prosèco. Het diner beviel prima bij de mensen, zij tevreden wij gelukkig. Oma wilde graag nog een keer terugkomen zei ze bij het vertrek, met andere gasten om te eten. Tsja, volgens de regels die gelden voor Chambres d'Hôtes mag je alleen aan je eigen gasten maaltijden voorzetten, maar who cares. Hoewel, toch maar netjes binnen de regeltjes blijven laveren dan kunnen er ook geen gekke dingen gebeuren.
Wel jammer voor de feestvierders dat het zulk regenachtig weer was. Anders had de groep nog even lekker kunnen na tafelen in de tuin. Misschien was dat wegens de bejaarde dame dan toch niet zo'n goed plan geweest, trapje af en dan weer omhoog, ach.

Uiteraard bleven er een paar flensjes over, die kon ik de jongens van André prachtig in de maag splitsen, glunderende oogjes waren mijn beloning. Zeggen ze wel een kinderhand is snel gevuld, nou die kindermagen kunnen er wat van!


Diner
In de avond wordt dan weer gekookt voor de gasten die een beetje tussen de 7 en 18 magen variëerden. Het is niet altijd eenvoudig om een gerecht te bedenken dat past bij: allergieën voor gluten, varkensvlees, eieren, melk en of melkproducten, noten, schelpdieren en ga zo maar door. De een is vegetarisch de andere moet geen groenten zien of lust geen vis. Dan peutert iemand de tomaten uit de salade of plukt nauwgezet de overheerlijke rozijnen uit het nagerecht. Een heel enkele keer kwamen al die allergieën en lust ik niet zaken tegelijk in een diner samen. Ga er dan maar eens aan staan om een gebalanceerd diner in elkaar te schroeven. Fannie weet meestal wel raad op dat soort dingen, en als hoofdkookman leer je daar dan weer veel van. In één geval was ik vergeten de aantekeningen na te lezen vóór dat ik aan het koken ging, uiteraard werd me dat toetje niet in dank afgenomen. Razendsnel wat fruit op tafel gebracht, probleem weer opgelost. Stom zoiets, maar ja kán gebeuren.
Wel weer voluit kunnen experimenteren met verschillende sauzen. Zo houden we de paprika roomsaus erin – nog een klein beetje sleutelen aan de hoeveelheid paprikapoeder – en die met salie is ook een goede gebleken. Het nieuwe nagerecht van milk tert houden we er ook in. Carbo's in roquefort saus werden goed ontvangen net als de filet mignon in curriesaus. Mijn currie saus smaakt volgens Wim precies zo als uit het pakje, toeval. Fannie had een vegetarische schotel met Brie met gebakken aardappelen bedacht en eentje met stukjes kip en harde worst. Ook niet onaardig. Dan is er nog een bedenksel dat nog niet uit is geprobeerd, een soort meer persoons superhamburger. Laagjes met voorgebakken feuilleté deeg afgewisseld met magere uitgebakken gehakt en verschillende groentes. Oja, iets lokaals gegeten een paar maanden geleden. Zoiets als sla met een warme saus aangemaakt met crême fraiche leek het wel, héérlijk, die wordt ook nog eens nagemaakt. Zo'n salade is iets typisch voor deze streek dus: folklore.

18 juli 2014

WVTTK 15


Nee, niks aan de hand en ja, heel erg druk.

Vandaag de eerste rustige dag sinds een paar weken, De gasten zorgen voor zichzelf, da's weer eens wat anders. Af en toe help je een gast aan informatie over waar ze heen denken te gaan, of geef je suggesties waar ze naar toe zouden kunnen gaan. De doos met folders komt dan goed van pas en we rommelen daar gezamenlijk een beetje doorheen.

Na het ontbijt is het even een reguliere chaos voordat iedereen weer op weg is. Sommigen blijven nog een dag of zo, anderen gaan op weg naar het zuiden of noordwaarts naar huis. Het ritueel is dan: iets in het gastenboek schrijven, afrekenen, een boemerangkaart meegeven en uitzwaaien. Dan is het tussen 10 en 11 even op het balkonnetje zitten uitblazen met een bakkie. Of zoals onze Belgische gasten zeggen: "een koffieke pakken". Klinkt toch een stuk sympathieker dat Vlaams. "Da's tof hè" klinkt het dan als iets leuks of prettig is. NL-ers zeggen van alles, elk jaar verandert het woordje waarmee ze iets tofs aanduiden. Is ook wat voor te zeggen, een taal die zo in beweging is.

Op een avond hebben we het daar over. Hoe talen soms heel erg statisch blijven, zoals het Frans, en talen die met de waan van de dag veranderen, zoals het Nederlands. Persoonlijk denk ik dat het NL wel een van de talen is waar de meeste leenwoorden in zitten. Veel woorden worden verzonnen en vervolgens in de Dikke van Dalen opgenomen om een maf mode woord een officieel tintje te geven.

Maaien

Vorige week kwam ineens de boer aanzetten, of ie het gras mocht gaan maaien. Ik wist dat er erg weinig te maaien viel omdat de schapies nogal hun best hadden gedaan. Daarom suggereerde ik om vooralsnog niet te maaien. Maar als ie speciaal wilde: ga je gang. Een kwartiertje later kon je zien dat ie het opgegeven had. Die paar sliertjes gras bleek niet de moeite waard om daar brandstof aan te verstoken. Of hij moest een andere reden hebben gehad om dat stuk te maaien. Alleen bleef dat een onbekend verhaal want de maaiert was alweer foetsie. Zelfs de voorweide had ie niet gemaaid. Afijn dat verhaal heb ik dan nog te goed. Toch wel grappig, hier en daar zie je een sliertje gemaaid gras liggen, waar nota bene de schapies zich ook nog eens aan te goed aan gingen doen. Luie donders.

Schapen

De week daarvoor had de schapenscheerder de beesten van hun jasje ontdaan. Toch wel raar die beesten zo zonder jasje te zien rondschuifelen. Enkele weken later stond er weer een beetje wol op en toen zag je iets merkwaardigs. Na een regenbui worden enkelen spierwit, da's vooral in de schemer een maf gezicht. Je ziet zoiets zelfs in de nacht bij de maneschijn nog rondwaren. Ik dacht ff dat er een vreemd gevaarte de wei ingeslopen was. Verrekijker erbij, en het bleek een van die spierwitte beesies te zijn, spookachtig hoor.

Zwemwater

Het zwemwater biedt dit jaar zeer hardnekkig weerstand om helder te worden. Volgens Wim is het zuurstof dat het water diffuus maakt. Algen kunnen het niet zijn, want die zijn vakkundig om zeep geholpen met een paar liter anti alg. Volgens de "badmuts" is de PH - zuur graad - veel te laag. Meten is weten, en ja hoor, véél te laag. Bij de Brico een emmertje PH verhogend spul gehaald en uiteindelijk het hele emmertje er in gekieperd. Volgens het etiket moest er 60 gram per 10m3 in. Dat had echter totaal geen effect. Dus, hop nog maar eens een dosis. Bèh, nog geen effect. Een half emmertje verder begon het pipet meetding eindelijk iets als een uitslag te geven. De nu gemeten waardes waren echter nog steeds ver beneden de gewenste waarde. Goede raad is duur. Je wilt dan graag weten: wat is het werkzame spul erin en je twijfelt of je een dag moet wachten. Wat het goedje precies is staat natuurlijk niet op het etiket, een gokje dus maar en hop de rest verdween plotseling per ongeluk in het zwembad. Na een kwartiertje wachten weer gemeten en verrek, weliswaar de onderste waarde op de schaal van OK, maar toch. In ieder geval is deze factor ook uitgeschakeld. Morgen maar weer eens kijken wat dat met de zuurstof in het water heeft gedaan. Je moet al bijna een chemicus zijn om dat water goed te krijgen.
De volgende dag blijkt dat toch de oplossing geweest te zijn. Het water is weliswaar nog niet helder maar ik kon al behoorlijk wat van het residu opzuigen uit het zwembad.

Toetje

Voor een van de vele diners van de afgelopen weken maakte ik dat toetje met gebakken banaan in gember-roomboter saus. Dit keer was het erg goed gelukt. De bananen bleven netjes in vorm en hadden ook nog precies de goede bruining. De saus is ook altijd maar afwachten of die de juiste consistentie krijgt. De eters likten hun vingers af! Daar krijg ik altijd een fijn gevoel bij. Jawel, het is een calorie bom!

Recept voor 6 personen.

  • Eerst warm je 200 gram boter op bak je er de 2 el gembersnippers in, de boter mag absoluut niet bruin worden, eigenlijk is het meer opwarmen.
  • Daarna doe je er eetlepel rietsuiker, een zakje vanillesuiker (7.5g) en een paar theelepeltjes van de gembersiroop bij.
  • Goed roeren totdat alles is opgelost.
  • Dan proef je even.
  • Het moet een beetje pittig zijn van de gember. Is dat niet het geval dan, om het een beetje péng te geven doe ik er soms nog een druppel tabasco in. Dat is een beetje afhankelijk van de gember kwaliteit en hoe zoet de siroop is of zo.
  • Dan het vuur laag om de saus warm te houden, eventueel iets laten indikken - zie onder.
  • Is de saus klaar dan doe je een klont boter in een andere koekenpan en op hoog vuur bak je de overlangs door de helft gesneden bananen aan beide kanten licht bruin (halve banaan per persoon).
Op een klein bordje leg je dan de halve banaan warm uit de pan, schenkt daar een beetje van de saus over. Een bolletje vanille-ijs erbij maakt het helemaal af.
Voor de lekkerbekken de rest van de saus in een klein schaaltje erbij serveren. Als het allemaal goed is dan is de saus net dik genoeg om op en bij de banaan te blijven liggen. Is het te heet dan smelt het ijs weg, te koud dan stolt de saus en wordt het dik stroperig, ook niet goed.

Stagiaire

Dit jaar hebben we weer een stagiaire, wat een uitkomst is dat eigenlijk. Zij neemt mij het schoonmaken en opdekken van de kamers uit handen. Zelf doe ik dan het schoonmaken van de andere ruimtes en samen doen we iets met de tuin. Dat geeft een beetje lucht. Want alleen vijf kamers en een appartement op een dag schoonmaken maakt een wrak van me. Na een weekeinde waarin alle kamers elke dag andere gasten hadden draaide de wasmachine vol continu. Dat viel zelfs de gasten op. Nu hebben we voor alle bedden dubbel linnengoed dus dat vormt geen probleem. Wel een probleem was dat het maar blééf miezeren buiten. Dus hing de garage op een gegeven moment vol met heerlijk geurende was. De ene gast stoort zich daaraan een ander gast vindt dat juist de charme van een B&B. Wie het weet mag het zeggen, persoonlijk kan ik daar geen pijl op trekken wat nu wel en wat nu niet een gast hindert. Meestal proberen we alles uit het zicht te hangen, volle waslijnen noopten tot noodmaatregelen.

Tuinieren

De laatste dagen is het prachtig weer, de zon brand op je kersenpit en met de maaimachine snor ik in een gezapig tempo over het gazon. De stagiaire is bezig met het onkruid te trekken en na een morgentje is de voorkant weer helemaal aan de kant. Je kunt echt zien dat het onderhoud van een tuin geen gewoon werk voor haar is. Niets mee aan de hand alles leert en het is geen rocket science om onkruid van planten te onderscheiden. Bij twijfel ruk je het, als het ff kan met wortel en al, eruit. Is het iets serieus kun je het altijd nog terugsteken. We hebben een redelijk makkelijke tuin met niet teveel dingen die ik niet herken. Het eruit trekken van groen is meestal 99% correct. Voor mij is alles gewoon een boterbloem zolang het niet herkend wordt. Fannie heeft daar meer kennis van en ziet al vroegtijdig of het aardbeien zijn of ongewenste boterbloemen. Bomen en struiken zijn duidelijk doch met dat kleine grut gaat het nogal eens mis als er geen stokje met aanduiding bij staat. Hoewel dat vorig jaar totaal geen toegevoegde waarde had want de tuinjongen maaide toch alles aan gort. Het lijkt er op dat nu meer aanplant het overleeft. Zelfs de taxus waagt het nu om een paar centimeter boven het maaiveld uit te komen. Die ziet natuurlijk kansen nu er niet meer rücksichloss alles plat gemaaid wordt.
Eigenlijk begin ik het tuinieren wel lollig te vinden. Beetje met de bosmaaier de kantjes van de tuin en perken langsrossen, de rest kortwieken en met de maaimachine het gras verpulveren. Dan zorgen dat er niet teveel boterbloemen in de perkjes komen te staan of dat het een en ander in model gesnoeid wordt. Zo staat het toch allemaal een beetje netter, de gasten beginnen zelfs complimenten over de tuin te geven. Of is dat uit medelijden? Zo van, och kijk die jongen eens zijn best doen. Met de rozenstruiken ben ik nog niet tot overeenstemming gekomen, hoe ze zich willen laten knippen en scheren. Ja, de theorie is bekend. De praktijk is heel anders. Als je het goed doet schijnt er ook nog een model in te komen zodat de rozen gelijkmatig verdeeld over de hele struik aan de bloei komen. Nu schiet alles alle kanten op, ik moet dus nog heel wat oefenen. Het voordeel is dat de groene zooi vanzelf weer aangroeit. Gaat het mis dan komt er altijd wel weer ergens een takje aan. Misschien gaat het volgend jaar weer beter en wordt het om aan te zien.

26 juni 2014

Parijse obers


Een artikel in een Belgische krant kopt:


De vorige Franse president (Sarkozy) was het al opgevallen dat de toeristen in het land nogal onbeschoft worden behandeld. Vooral door de Parijse obers. Hij maakte daarover zelfs een opmerk in de Figaro! Fannie's en mijn ervaring met Parijse obers, dateert al van jaren terug. Niet veel verschillend van waar de gemiddelde internationale toerist over klaagt. Om nu te zeggen dat de Fransen onbeschoft zijn, zo ff iedereen hier over een kam scherend, gaat me te ver.

Zeker de fransjes worden opgevoed met de idee dat La France, de technologie, de literatuur, de keuken, de cultuur supérieur is aan alles wat er verder op deze aardkloot aanwezig is. Een bepaalde arrogantie kun je ze niet ontzeggen. Volgens mijn ervaringen kunnen de fransjes dan de hand schudden met vele naties en volkeren in de wereld die zich stuk voor stuk diezelfde houding aanmeten. Dus wat is nieuw. Van tijd tot tijd wordt dat superieuriteits gevoel aangewakkerd door mensen of kliekjes van mensen die dat maar al te goed van pas komt. Dit, om bijvoorbeeld nog meer macht en geld te kunnen vergaren, of volkeren tegen elkaar op te zetten, of zelfs om andere groepen of volkeren uit te moorden. Een zogenoemde “end lösing” noemde men dat in de vorige eeuw. Welke gruwelijke resultaten dat teweeg brengt laat geen twijfel over de bedoelingen van dat soort mensen.

Is een fransje echt zo onbeschoft zoals dat in dat artikel wordt beschreven? Nee, echt niet.

Jawel ze kunnen behoorlijk neerbuigend zijn, behoorlijk arrogant, zeer belust op het afzetten van een buitenlander en proberen altijd hun voordeel te behalen ten koste van diezelfde buitenlander. Dat voordeel behalen gebeurd soms op een leugenachtige manier die soms aan misdadigheid grenst. Toegegeven. Dat gedrag vind je voornamelijk terug in situaties waar het om geld verdienen gaat. Ook gebeurt dit wel in de sfeer van fransje contra buitenlander zodra de eerste daar een voordeeltje uit denkt te kunnen halen. Je hebt het dan over een bepaald alloy van mensen die het moreel gezien niet zo nauw nemen met mijn en dijn.

Maar is dat niet zo in eigenlijk elk land ter wereld? Naar mate de bevolkingsdruk toeneemt worden de inwoners steeds meer xenofoob, meten ze zich een superieuriteits gevoel aan dat geen enkele grond heeft en proberen ze zich coute que coute boven op de piramide van macht en rijkdom te vechten ten koste van ieder ander. Zo is het eeuwenlang gegaan en zal het nog wel eeuwen doorgaan totdat overal een muur omheen is gemetseld en vol geplant met afweergeschut en atoombommen. Niemand erin en niets eruit. Lekker zooitje zijn wij mensen.

Lees je het artikel dan gaat het eigenlijk om het gedrag dat de Parijse obers tentoonspreiden, voornamelijk in die delen waar veel toeristen komen. Het lijkt niet alleen zo maar is het ook, dat het bon-ton is een buitenlander eigenlijk niet te willen bedienen, en als het dan moet met een snauw en een grauw. En verwachten nota bene ook nog een fooi! Iets anders dan Frans wordt niet verstaan en dan moet het ook nog in onberispelijk Frans gebeuren wil je aan deze terreur ontkomen. Koffie wordt, met de nodige vertraging, met een badje op je tafel geknald alsof dat de gewoonste zaak van de wereld is dat de koffie koud is en de helft op je schoteltje terecht is gekomen. Mijd je echter de toeristische plekken en ga je naar een rustiger deel in de stad waar dan bijna geen toeristen komen, normaliseert alles zich weer een beetje. Dan komt er wel binnen een paar minuten een ober bij je aan de tafel en legt je, zij het een beetje kortaf, uit wat de kaart zoal bevat. Dit komt zo'n beetje overeen met de rest van La Douce France. Obers hebben eigenlijk geen tijd om je uitvoerig uit te leggen wat al dat lekkers op de kaart is. Dan moet je gewoon vroeg tegen etenstijd komen als er nog niet zo veel klanten zijn of op een ander rustig moment van de dag, als het restaurant tenminste open is op die tijd. In de provincie heb je meer kansen op een menselijke behandeling omdat het leven er wat gemoedelijker aan toe gaat. Naar mate de steden groter worden zijn de obers ongeduldiger en snauwen je eerder af, want drukker. En ja, een gemiddeld fransje heeft een van de kortste lontjes ter wereld. Vooral als ze onder druk staan. Waardoor ze hun normaal beleefd gedrag vergeten. Logisch ook. Van jongsaf aan worden ze getraind in de mallemolen mee te lopen, geen afwijkend gedrag te vertonen en zich vooral aan de mores te houden. Beleefd blijven, altijd beleefd blijven. Dat doen ze ook, al koken ze van binnen, onderling dan. Tegen buitenlanders menen ze zich niet aan deze beperkingen te hoeven houden en permitteren ze zich dingen waar ze onder elkaar absoluut niet mee weg zouden komen en tot outcast verklaard zouden worden.

Obers echter lijken een soort pact afgesloten te hebben de klant als de vijand te behandelen, een enorm dedain tentoon te spreiden en neerbuigend te doen tegen een ieder die niet meteen weet wat er gegeten gaat worden. Dat is ook zo. Vaak ga je naar een bepaald restaurant om iets bepaalds te gaan eten. Bij de Coq au Beurre eet je gewoon een kippenspecialiteit, bij de pizzeria in Corbenay eet je geen kip maar bestel je hun pizza spécial als je in de zaak zelf blijft eten. En zo voorts. Dat is nu eenmaal een deel van je opvoeding dat je je van te voren op de hoogte stelt wat er in die zaak te eten valt. Eigenlijk heb je bij het binnengaan je keuze al gemaakt. Een ober wacht dan alleen op je bestelling zonder zich te hoeven uitputten in het repeteren van de kaart. Daar wordt een ober sjacherijning van want: kost tijd. En tijd is geld, geld dat in een paar uur verdiend moet worden: tussen 12:00 en 14:00 en dan in de avond nog een paar uurtjes van 19:30 – 21:00. Op andere uren zijn restaurants meestal niet geopend. Er is een verschil tussen café's of bureaux de tabac's en restaurants uiteraard. Daar wordt door touristen soms geen verschil in gemaakt met bijkomende frustraties. Dat zelfs café's en BdT hun eigen openingsuren kennen, dus tussen de middag van 12 tot 2, of sluiten in de morgen en late middag om in de avond weer open te gaan. wordt ook wel eens vergeten. 's Lands wijs en 's lands eer. Dat wordt wel eens vergeten door een toerist of zelfs expat.
Dus ja, het is dikke ellende met de obers voor de bezoekers in de grote steden. En ja, je wordt buitengewoon gefrustreerd door al die gekke regeltjes die zo veel afwijken van wat je uit je geboorteland gewend bent. So what! In het laatste geval heb je je maar te schikken. De strijd tegen de “prix pigeon” (exorbitante vraagprijs door aannemers of ondernemers aan buitenlanders) blijft gewoon doorgaan. Als je wat langer verblijft in een vreemd land leer je je er wel omheen te werken. Ben je helemaal of ruimschoots aangepast dan leer je ook de regeltjes dusdanig te ontwijken dat ze je niet meer frustreren en doe je de meeste ongemakken af met een schouder ophalen of een handgebaar waarmee je het probleem over je schouder werpt. Eigenlijk precies wat je in je geboorteland ook doet of hebt gedaan.

Maar die obers en andere onbeschoftelingen in de toeristen industrie, dat is een probleem waaraan echt gewerkt moet worden. Want dat kost geld vindt de overheid, en dus... zal alles wel weer overwaaien tot een volgende bobo zich weer eens ergert over de houding van de ober in Paris.

17 juni 2014

Waar blijft ie!

Blog, waar blijft je blog!

De afgelopen weken gevloerd door de griep, waarop volgend een gemene keelpijn. Net alsof je strotje met schuurpapier bekleed was. De weken daarvoor had ik wel een blog gemaakt maar die kwam niet door de ballotage heen, het zou te warrig zijn.

Maar de show must go on. Het huis wachtte nog op de laatste loodjes om het op orde krijgen voor het seizoen. Dat ging uiteindelijk erg moeizaam. De naweeën van de griep bracht met zich mee dat als je boven aan de trap gekomen was, je stond te hijgen als een paard van de vermoeidheid. Even gaan zitten werd al snel een half uurtje om bij te komen. De gastenkamers moesten toch iedere keer weer op orde zijn. Voor andere dingen had ik geen puf meer. Boodschappen doen stelde je tot het allerlaatste uit en koken redde je nog net op tijd. Eigenlijk zoals nagenoeg alles net op tijd klaar kwam. Normaal heb ik daar zo'n schema voor. Vanaf 10 uur schoonmaken, een kleine siësta tussen door, tussen 2 en 4 boodschappen doen, tussen 4 en 5 nog even de laatste hand aan iets en dan druppelen de eerste gasten al binnen. Dan vanaf 5 uur koken om tegen 7 uur aan tafel te kunnen. Dat tafelen duurt tot soms in de kleine uurtjes. Het komt niet zelden voor dat ik rond 1 uur in de nacht de vaat nog in de wasmachine sta te doen en een laatste veeg over het aanrecht haal.

De volgende ochtend rond 7 uur brood en croissants bij de bakker in het dorp verderop halen, ontbijten doen en daarna heb je even een moment voor je zelf als iedereen weer op weg is. Dus even een bakkie doen voordat het weer los gaat. Als je dan met griep zit, je kunt echt niet in je bed blijven liggen. Hoe graag je dat ook wilt. Dus sjouw je maar door, hopend dat het snel over gaat. Tuurlijk maak je dan wat short cuts in de huishouding en kokerij, en uiteraard wordt de siësta wat langer als je een keer 's avonds geen gasten krijgt. Dus kommer en kwel is het niet geweest. In de zomer zou het een probleem geworden zijn, nu in het voorseizoen ben ik zo gezegd gered door de bel. Het is weer doorstaan en alle pijntjes en duizeligheid zijn nu wel weer aan het wegebben.


Atelier

De verplaatsing van het atelier is een feit. De ovens zijn door Guillaume verzet naar de andere kant en materialen, draaitafels en handvorm dingen staan of liggen nu op het bordes. Qua oppervlakte ben ik daar fors op vooruit gegaan. Veel meer ruimte om alles op te stellen en materialen neer te leggen. De eerste boekingen voor het atelier komen ook al binnen, alles is mooi op tijd om gezet. Nu nog een beetje rangschikken om ook een juiste loop in het verhaal te krijgen zodat glazuren en klei niet door elkaar besmet kunnen worden. Het boetseer of handvorm deel wat verder van het draaideel af zetten zodat er wat meer bewegingsruimte komt om je natte werk in de stelling te kunnen zetten. Er zal vast en zeker nog wel met de spullen en machines heen en weer getrokken gaan worden. Wel heb ik de kneedtafel en de plakkenwals beneden laten staan. Misschien moet ik de verse/onbewerkte klei daar ook naar toe verplaatsen zodat voor deze bewerkingsfase alles bij elkaar staat. Voorlopig staat echter alles klaar voor de eerste gebruikers.

Frerik heeft de krachtstroom al verlegd naar de nieuwe plek van de ovens. De kleine vingerling oven wordt nog een verhaal apart. Daar willen Wim en ik nog iets met een RaspberyPi aan gaan doen. Het regelgedeelte van de oven is niet meer helemaal je dat, met andere woorden het is te veel gok werk geworden. Oorspronkelijk werkte de oven met een soort valschakelaar waartussen je een speciaal geprepareerd kleistaafje stak. Dat werd dan bij een bepaalde temperatuur zacht waardoor de schakelaar naar beneden zakte en de oven uitschakelde. Dat werkte prima voor het bisquit bakken, maar voor glazuren was dat toch veel te onnauwkeurig. Later kocht ik er een soort thermometer voor. Uiteraard viel dat ding op een dag aan diggelen en raakte dit oventje in onbruik. Er was sowieso een grotere en nauwkeuriger oven nodig. Zo gezegd en gedaan. Drie jaar geleden kwam er dus een nieuwe oven van 50 diep en 45cm binnendiameter. Deze nieuwe oven is thermisch gezien een ramp maar nauwkeurig genoeg om mijn werk te bakken. Toen de Raspberry computer op de markt kwam bood dat weer mogelijkheden om het regeldeel van de kleine oven compleet te vervangen door een paar relais, een thermokoppel plus schakelingetje en een RasPi. Voor nog geen 100 euries kun je er zo zelfs een precisie oven van maken. Dat wil zeggen de temperatuur is tot op tienden van graden nauwkeurig te regelen. De rest van de oven is namelijk nog perfect in orde en daarom heb ik er nooit over gedacht om hem naar de déchèterie te brengen. Bovendien is die kleine oven gewoon niet te tillen. In de herfst gaan Wim en ik aan dit projectje knutselen. Zo kan die oven weer een derde leven krijgen met betrekkelijk eenvoudige middelen. Door de kleine afmetingen zul je ook eerder geneigd zijn afzonderlijke werkstukken af te bakken. De grote oven is dan meer voor het omvangrijkere werk. Toch wel grappig hoe je door middel van zo'n primitief computertje ineens weer een oven aan de praat kan krijgen die anders maar stond te verstoffen.

Telkens bedenk ik me weer dat de makers van de RasPi dit soort (divers) gebruik niet hadden voorzien. Inmiddels nadert de verkoop van de Raspi de 3 miljoen! Een waardige opvolger van de C64. Iets waar tientallen miljoenen hobbyisten rond de tachtiger jaren ook bovenop sprongen om leuke dingen mee te doen.


Trois Ballons

Afgelopen weekeinde was de tour de 3 Ballons (3 bergen) weer. Elk jaar zitten we dan tot aan het nokkie vol met fietsers die dan om 5 uur in de ochtend uit het warme bed moeten klimmen om op de pedalen te gaan staan. De Trois Ballons liggen in een schitterend natuurgebied niet ver hier vandaan, een meer dan ideaal gebied om te toeren met fiets, motor of auto.

Deze jaarlijkse koers schijnt minimaal 214 KM lang te zijn en de snelste tijd die er over gereden is was iets als 6 uur en wat minuten. De hoogste Ballon is zo'n 1300 meter! Om daar met zo'n vaart tegenop te kunnen knarren heb je wel wat training voor nodig. De recreatieve fietsers doen er tussen de 9 en 10 uur over.

Het schijnt dat de organisatie heeft geluisterd naar de kritiek van vorig jaar want men kwam redelijk tevreden terug over de verzorg plekken. Dat scheen de jaren ervoor een puinhoop geweest te zijn. De tafeltjes met drank en zo voor de deelnemers, schenen op de meest onlogische plekken te hebben gestaan. Soms waren de tafels zelfs leeg en had men niets meer te drinken. Dat is nu blijkbaar verleden tijd.

Wat die tour extra spannend maakte was dat er nog gewoon tegemoetkomend verkeer kwam aanzetten. Veel motormuizen die de berg opscheurden en auto's die de bochten om kwamen zetten als je ze niet verwachtte. Best wel link zo. Misschien kunnen de organisatoren dat ook oplossen voor de volgende keer. Dan denk ik dat het aantal deelnemers zich rap gaat verdubbelen van nu 5000 deelnemers naar meer dan 10K, en dat kan makkelijk.

Bij terugkomst stond er een BBQ op onze gasten te wachten en werd het weer ouderwets gezellig. Al snel vlogen de heldenfeiten links en rechts over de tafel en zaten mensen met een glas wijn of bier in de hand nog even na te genieten van tour in de ondergaande zon op het terras. Mooi mazzel met dit weer, een kadootje.