6 januari 2014

Fantasticalisme

Zondag is meestal een dag waarop ik iets voor mezelf doe. Bijv. ik ga dan iets klooien, schrijven, lezen of gewoon lui doen in het algemeen. Dat kun je je in de winter periode veroorloven. In de zomer zijn er altijd gasten en dan begin je rond 0700 met crêpes, koffie en ontbijtje te maken...
Luis Borges
bron Wiki
In de winter is het tijd voor jezelf op zo'n zondag. Soms liggen een boel boeken rondom me heen op het dagbed. Kussens in de rug, muziekje aan, haard aan, computertje onder handbereik, google translate op een van de pagina's en een schetsblok op mijn schoot. Ho! Telefoon! Meestal is dat even heftig graaien in de chaos om me heen, het geluid leidt me nu naar mijn leesstoel. Hè, kopje koffie, ff kletsen met m'n schatje, daarna weer terug naar mijn holletje van kussens en boeken... Een soort fantasie wereld waarin je dan een paar uur helemaal verdwijnt op zo'n dag. Vandaag heb ik de "Fiction of Borges" op het programma staan een pil van 1200+ pagina's met tientallen korte verhalen. Vorig jaar ook al een stuk of wat uit gelezen. Ik besluit om "De bibliotheek van Babel" nog eens dunnetjes over te doen. Een absurdistisch bijna komisch verhaal over een bibliotheek opgebouwd uit een oneindig aantal hexagonen die allemaal in elkaar overgaan, waarin een vast aantal boekenplanken met een vast aantal boeken staan elk met een vast aantal pagina's. Het getal 42 (zie: hitchhikers guide) komt zomaar bovendrijven in mijn gedachten. Deze door Borges beschreven bibliotheek bevat een oneindig aantal boeken met daarin alle mogelijk voorkomende combinaties van letters en woordreeksen. Borges beschrijft het zo:

The number "n" of the possible languages employ the same vocabulary; in some of them, the symbol "library" possesses the correct definition "everlasting, ubiquitous system of hexagonal galleries," while a library - the thing - is a loaf of bread or a pyramid or something else, and the six words that define it themselves have other definitions. 
You who read me - are you certain you understand my language?)
In dit verhaal leven mensen in deze oneindige bibliotheek waarin de personages hun leven doorbrengen. Zij veronderstellen dat alles reeds is geschreven in alle mogelijke talen en dialekten en dat tussen deze boeken het boek der boeken moet staan. Borges beschrijft dat boek zo:
Letizia Alvarez de Toledo stated: That book could consist of an infinite number of infinitely thin pages [of silk]. (In the early seventeenth century, Cavalieri stated that every solid body is the super-position of an infinite number of planes.) Using that [silken] vademécum would not be easy: each apparent page would open into other similar pages; the inconceivable middle page would have no "back."
bron: amazon
Hier neemt Borges echter twee personen een beetje op de hak: de mathematicus Cavalieri en Letizia Alvarez de Toledo
Logisch toch, een middenpagina zonder achterkant. Een prachtig gevonden metafoor voor de onwaarschijnlijke waarschijnlijkheid. 
De verteller in het verhaal gaat voort met het beschrijven van het leven in deze universele bibliotheek waarin de boeken staan gevuld met alle kennis, ook die van de toekomst. Al is het vinden van een bepaald boek met begrijpelijke tekst zonder een index te hebben van een bieb die oneindig is, zo groot als het universum, uiteraard een onbegonnen zaak. Het thema van het verhaal lijkt me een beetje zijn oorsprong in de Griekse mythologie te hebben. Daarin word ook regelmatig over de universele kennis geschreven. Niet te vergeten Descartes met zijn Encyclopedie Universalis.

De rest zal ik jullie maar besparen. 

Toch weer inspiratie opgedaan voor huisje 66, en een schets gemaakt samengesteld uit hexagonen.

Overigens er staan ook een boel minder moeilijke verhalen in, prettig bij een muziekje te massa consumeren. De man heeft wel een beetje cynische humor. Logisch ook met zijn bio. Hier de complete verzameling korte verhalen van Borges
Voor wie liever een dode boom in de hand heeft: de Ficciones zijn in vele talen vertaald, dus vast wel in een boekhandel bij je in de buurt te krijgen of in een bieb te leen.

covers van de Ficciones
bron: screendump google

 




2 januari 2014

WVTTK 10

Vanuit deze blog wens ik iedereen een GELUKKIG NIEUWJAAR!
Nieuwjaarsdag is ook vaak het moment om eens te bedenken wat er zoal ter tafel gaat komen het komende jaar. Op het programma staat het reguliere onderhoud van de kamers en in het voorjaar de grange her in te richten, zodat pottenbakken duidelijk afgescheiden kan worden van de rest. Ook moeten de materialen, die de afgelopen jaren zijn verzameld, naar de dechetterie gebracht worden. Gewoon ff uitmesten. Je beseft op een gegeven moment dat alles een beetje begint dicht te groeien. Mijn schatje zegt voortdurend: "Je moet niet alles willen bewaren." Tenslotte hebben we besloten dat de hottub nu in de grange komt te staan dat geeft een betere toegang voor de gasten en meer privacy op die manier. De vloer houdt dat gewicht met gemak. Als er een trekker met aanhanger zo naar binnen kan rijden, dan is dat gewicht van een hottub verwaarloosbaar. Het idee van Fannie was om de pottenbakkerij op de verhoging, die boven de garage is gemaakt, in te richten. Daarmee wordt dat weer een stuk overzichtelijker en kan er ook water naar toe. Het gemak dient de mens nietwaar. De tuin gaat verder aangepakt worden, die wordt ieder jaar overigens met iets nieuws voorzien. Dat is dan wel weer voldoende te klussen tot het seizoen aanbreekt.
De werkzaamheden aan de SolarFarm gaan natuurlijk gewoon het hele jaar door. Is het niet een wijziging in het stuurprogramma dan is het wel een uitbreiding of een deeltje dat we aan willen passen. Altijd wel wat nieuws.

Mailleroncourt
 
Stoken
Er wordt overal geroepen dat het erg nat is voor de tijd van het jaar. Klopt. Het huis, als je een paar dagen niet stookt, is ook killer dan normaal. Kon ik vorig jaar volstaan met een keer per twee weken LMQR helemaal op te stoken en kon ik volstaan met alleen de openhaard in ons eigen appartement aan te steken, nu moet ik eens per week de grote kachel een dag flink stoken om de kilheid uit het huis te krijgen. De rest nam de zonneverwarming namelijk wel voor diens rekening. Er zijn én langere periodes van bewolking en het is een stuk natter dit winter seizoen vergeleken met voorgaande jaren. Geen ideale toestand voor de SolarFarm.

Affouage
Dat is het houtkaprecht dat elke inwoner al sinds eeuwen heeft in deze streek. Hoe dat is ontstaan is gehuld in sluiers. Volgens het ethimologisch woordenboek der Franse taal stamt de kreet uit de 16e eeuw. Het recht wordt nog steeds in ere gehouden, de fransjes hechten nu eenmaal zeer sterk aan tradities. De gemeente regelt dat in deze moderne tijden en stuurt dan formulieren rond om te kijken wie van de inwoners gebruik wil maken van diens recht. Wij uiteraard ook, als het criminele sujet van hier schuin tegenover daar niet opnieuw roet voor in het eten gooit. De hout voorraad is voldoende voor de komende twee of drie winters, daar niet van, ook neemt de SolarFarm deel aan het verwarmingsproces in de koude dagen. Vervelend is zo'n akkefietje natuurlijk wel. Gedoe met de houtkapper is nooit leuk als deze zich bedreigd voelt door zo'n sujet en dan de veiligste weg maar kiest door een jaartje over te slaan. Gelukkig zijn er nog andere houtkappers in het dorp dus een echt probleem zal het niet worden.

Hout-haal-hak-robotje
Mede daardoor nemen de ideeën voor het hout-hak-haal-robotje steeds vastere vorm aan. Eerst maar eens beginnen met een electrisch karretje dat het hout naar binnen rijdt, dat zou al een boel schelen. Zoiets op batterijen en gestuurd met een remote van een speelgoed autootje. Een simpel karretje met relatief goedkope onderdelen die je kant en klaar kunt kopen bij een willekeurige ijzerboer. Eenvoudig is al moeilijk genoeg, kun je opnieuw zeggen. Van dat prototype ga ik dan verder uitbouwen naar een volledig autonome robot die je om een boodschap kunt sturen. Grappig zoals het idee van zo'n hout-hak-haal-robot voortdurend door je hoofd blijft spelen. Waar moet je allemaal rekening mee houden? Wat komt er kijken bij de keuze van banden bijvoorbeeld.
Als je dan het Chinese maanwagetje ziet denk je: "He, die wielen, dat is echt minimalistische technologie." Fantastisch bedacht. Zou dat ook werken voor mijn robotje? Vervolgens laad ik de info van het internet en zet dat klaar voor latere referentie. Merkt Fannie op: "Ja natuurlijk, altijd zat mooie plannen", zoals een echte vrouw dat altijd tegen mannen zeggen die met hun hoofden in de wolken lopen bij het dromen over technologie. Dat robotje is namelijk een van de projecten van een heel lange lijst. Mijn reactie is dan altijd: "Zo blijf je prettig bezig, dus achter de geraniums ziet niemand mij voorlopig zitten." In dit geval is de uitspraak van onze profeet: "Elk nadeel heb zijn voordeel" weer opnieuw van toepassiing. Haalt niemand mijn boompjes uit het bos, of staat die zooi op een onbereikbare plek, dan is daar wellicht een technologische oplossing voor.

Nieuwjaarsborrel
De uitnodiging voor de nieuwjaarsborrel lag al een paar dagen vochtig te worden in de brievenbus. Die is op 11 januari in de salle polyvalente hier ter plekke. Dan zal de bourmaître zijn jaarlijkse praatje mét slideshow afsteken, iedereen gedenken die de grote overtocht heeft gemaakt, belangrijk is geweest voor het dorp, de feesten (daar zal ie dan snel mee klaar zijn) andere bijzondere gebeurtenissen (gaten in de weg vullen of zo) en de nieuwjaarswens uitspreken. Diens vrouw zal dan weer iets leuks, stichtellijks of toepasselijks op het internet opgezocht hebben om ons het komende jaar te vergezellen en dan is het une verre d'amitié. Het glas heffen dus. Daar hoort, of hoorde bij, een aantal lekkere zaken en men kon in overvloed eten en drinken. Dat is de laatste jaren drastisch minder geworden. Tot op het schrale af. Vorige jaren was er altijd iemand die en paar traditionele taarten bakte. Ook dat is opgehouden. Echt schraalhans. Dus heb ik aangeboden om een bijdrage te doen om het weer een beetje op te fleuren. Een emmer met oliebollen leek me wel leuk en wellicht nog iets anders er bij om het een beetje smoelwerk te geven. Fannie zei dat ik dan maar eerst eens moest gan oefenen met het maken van die bollen. Dat leek me een goed plan. Vanavond, oudejaars avond, ga ik maar eens een vergietje vol maken met die bruine jongens.

Klussen
Zoals eerder gemeld staat deze winter in het kader van afwerking, het verbeteren van de veiligheid, en andere dingen doen. De eerste stappen zijn gezet in de richting van de afwerking en veiligheid. Deze week is de trap in de lobby onderhanden genomen, een behoorlijke metamorphose moet ik zeggen. Fannie als smaakmaakster, vond dat de treden in Wengé (bijna zwart bruin) en de rest in de kleur van de muur gezet moest worden. Trappen zijn lastige dingen. Veel schuurwerk, veel afplakken en extreem veel gepriegel met de kwast. Mooi denk je dan: verf mono couche (in een keer dekkend) dat op de bus staat. Prima plan. Helaas is de verpakking mooier dan het product en moet je dat mono couche met een lading zout nemen. Drie keer moest ik de handel verven. Voor mij betekent mono couche nu: per laag aanbrengen. Waardeloos spul dus, maar het is gebeurd en zie hier het resultaat.

trap lobby voor en na
Fannie zegt dat het nu net lijkt alsof de traptreden (wengé) zweven. Althans dát heeft ze dan weer uit Maison & Traveaux gehaald. Soort van lijfblad voor ons. Voor Fannie iets om ideeën op te doen, voor mij omdat er altijd wel wat in staat dat is te gebruiken voor een of andere constructie in Le Mouton Qui Rit. Bijkomend voordeel: je haalt er ook een vracht aan idioom uit. Wat op zijn beurt weer erg handig is bij gesprekken met aannemers en klusjesmensen.



En zo ploegen we voort.

31 december 2013

Beeldhouwertje

Wie zegt: "Alles is voor verbetering vatbaar maar het hoeft niet direct perfect te zijn", is in mijn ogen pragmatisch bezig. Zo vertel ik te pas en te onpas de parabel over perfectie dat gaat over het beeld van een beeldhouwer en een Chinese keizer.
In een ver ver verleden in het Centrale Rijk was er eens een machtige keizer. Deze regeerde zijn volk met wijsheid en bezat een enorme verzameling kunstschatten uit alle hoeken van zijn rijk. Op een dag bedacht hij zich tijdens het bekijken van diens verzameling: "Een ding ontbreekt hier, namelijk een beeld dat het diepste wezen van de volkeren van mijn rijk weergeeft". Hierop ontbood de machtige keizer de beroemdste beeldhouwer van het rijk aan het hof en beval deze het beste, mooiste en meest perfecte beeld te maken dat ooit gemaakt was of hierna ooit gemaakt zou gaan worden. Een beeld dat het wezen van alle volkeren van diens rijk zou weergeven. De beeldhouwer was natuurlijk zeer vereerd met deze opdracht van de keizer maar wist meteen dat het schier onmogelijk was om het meest perfecte, mooiste en beste beeld van het rijk te maken. Weigeren betekende dat zijn kop zou rollen, er was geen alternatief. Dus begon hij na te denken over het beeld dat de keizer zou bevallen. Jarenlang trok onze beeldhouwer door het rijk op zoek naar de meest perfecte steen voor het beeld van de keizer. Hij doorstond ontberingen, zijn familie liet hem in de steek, zijn vrienden verklaarden hem voor gek. Maar de beeldhouwer was gebonden door zijn gelofte aan diens keizer. Na veel omzwervingen en wikken en wegen koos hij uiteindelijk een stuk bijna kristal-achtig materiaal, een beetje op roze graniet gelijkend, dat hij naar zijn werkplaats liet verschepen.
De keizer, ongeduldig geworden door het lange uitblijven van nieuws over zijn nieuwe beeld
, stuurde een paar soldaten naar de werkplaats van de beeldhouwer om te zien welke vorderingen er gemaakt waren. Dezen zagen de prachtige ruwe steen centraal opgesteld in de werkplaats staan en vertelden de keizer in lovende bewoordingen hoe mooi die steen wel niet was. En de keizer was tevreden. 
Na maanden van intense meditatie pakte het beeldhouwertje zijn hamer en beitel op en in diepe concentratie viel de eerste beitelslag. Dag in dag uit klonk het geluid van de beitel op het steen, het raspen van de vijl en het ruisen van de polijststeen. Weer een paar jaar later was het beeld dan eindelijk af. Aan het eind van zijn krachten gekomen
, stuurde de beeldhouwer bericht naar het hof dat het beeld af was. Niet lang daarna kwamen functionarissen van het hof het beeld in dure stoffen hullen en hesen het beeld met veel ceremonieel vertoon in een draagstoel. Wel honderd dragers waren nodig om het beeld naar het hof te vervoeren. Natuurlijk gonsde het van geruchten over het beeld. Het zou zo mooi zijn dat je ogen er blind van werden als je het zonder bepaalde bescherming zou zien. Het zou zo mooi zijn dat je er niet naar kon kijken zonder knikkende knieën te krijgen. Het zou zo indrukwekkend zijn dat het je de woorden ontnam. Zo mooi was het. De geruchten namen tijdens de tocht naar de hoofdstad alleen maar toe. De meest fantastische verhalen gingen het beeld voor. Het heette dat het beeld tijdens diens tocht naar het paleis al wonderen verrichtte. Wie ook maar een stukje van het beeld gezien zou hebben genas terstond van alle mogelijke ziekten. Na een week en een dag arriveerde het beeld in de hoofdstad. Door de aanzwellende geruchten nieuwsgierig geworden, verzamelde zich letterlijk de hele hofhouding rondom het in dure stof gewikkelde beeld in afwachting van de onthulling door de keizer. Ook het beeldhouwertje was bevolen bij de onthulling aanwezig te zijn, die zich vol van angst afvroeg hoe de keizer het beeld zou vinden. Bevend knielde het beeldhouwertje naast het beeld neer. De keizer verscheen pas in het late middaguur, precies op het tijdstip zoals dat door de waarzeggers voor de onthulling was aangegeven. Een gongslag galmde door het paleis. Het werd zo stil dat je een blad nog zou kunnen horen vallen. Toen, met veel gevoel voor ceremonie trok de keizer langzaam het kleed van het beeld af. Diep in zich was hij eigenlijk net zo angstig als het beeldhouwertje voor wat hij zou gaan zien. Na zoveel jaren arbeid moest het iets overweldigends zijn geworden. Toen het kleed eindelijk op de grond lag daalde een diepe stilte in het hof neer. Een geruis van gewaden was hoorbaar toen iedereen, inclusief de keizer, neerknielden voor wat hun ogen zagen. Het perfecte beeld was wérkelijk geschapen. De zonnestralen van de ondergaande zon die op het beeld vielen vulde de paleishal met een zachte gloed die van het roze granieten beeld af scheen te komen. Lange tijd bleef het doodstil in de hal. Eindelijk stond de keizer op en gebaarde naar diens lijfwachten. Die stonden als vastgenageld aan de grond naar het beeld te staren. Onhoorbaar voor iedereen zei deze iets in het oor van de lijfwacht. Na lang wachten kwam er een eununch met een vergulde hamer en bijtel op een rood fluwelen kussen op de keizer toegelopen. De keizer pakte beide gereedschappen op, liep rillend van ontzag naar het beeld. Keek er intensief naar en sloeg toen op een bepaalde plek toe. Een hoge, nog nooit gehoorde toon klonk, dat abrupt in een soort van snik eindigde. Het beeld barstte daarop in miljoenen stukjes uit elkaar en bestond niet meer. Een zucht van ontsteltenis klonk door de zaal en een diepe droefenis daalde neer over de toekijkende menigte, alsof men iets zeer kostbaars had verloren. De betovering was verbroken. Daarop keerde de keizer zich naar het beeldhouwertje toe die van doodsangst op de grond lag te trillen. De keizer pakte de hand van de beeldhouwer vast, hielp hem omhoog en fluisterde hem toe: "Beeldhouwertje, beeldhouwertje, alleen Boeddha kan perfect zijn."
De legende vertelt nog dat elk stukje van het beeld een ster aan de hemel is geworden en dat het beeldhouwertje daarna nooit meer is terug gezien. Of het moet die heldere ster zijn die elke avond als eerste aan de hemel verschijnt.
De hamer en beitel waarmee het beeld was vernietigd schijnt magische krachten te hebben gekregen, nog steeds zoekt men ernaar, maar ze zijn tot op de dag van vandaag nooit gevonden.

De moraal van dit verhaal? Perfectie kan alleen door goden gemaakt zijn. De mens, die is niet perfect en kan of mag geen perfectie scheppen.

27 december 2013

Kerst

Het klinkt en beetje merkwaardig, maar alweer hebben we de kerstmarkten in de buurt gemist. Gewoon druk met andere dingen, zoals de voorbereiding voor het kerstdiner, dingen doen voor de opknapbeurt van de keuken, lobby en de gang naar de kamers, de laatste werkzaamheden aan de uitbreiding van de SolarFarm, en ga zo maar door.
Ondertussen giert de wind om het huis heen en lijkt het weer kouder te worden na een paar dagen extreem zacht weer. De temperaturen schommelden rond de +9 graden. Af en toe zaten we de afgelopen week zelfs in de onverwarmde serre achter het glas van het zonnetje te genieten. Midden in de winter dus hè!
Vóór de kerst maakten we, via een omweg, een rit naar Epinal. Prachtig dat winter landschap. Uiteraard nergens sneeuw te zien, maar die bruine tinten van het landschap en dat speciale licht van de laag hangende zon geven het een bijzonder uiterlijk.


Verkeer
Fannie en ik zaten in de auto te praten over het rijgedrag van de fransjes. Vaker merken we wel op dat dat de laatste jaren ten goede is veranderd. Een stuk minder agressief. Ook mijn rijstijl lijkt zich steeds meer aan te passen aan het rustiger patroon op het platteland. Een jakkerende automobilist valt nu gewoon op. Zelfs fransjes hoor je daar opmerkingen over maken. Jakkeren over de binnenwegen zie je eigenlijk niet meer. De omgeving is dooraderd met smalle weggetjes van hooguit een auto breed. Daarover met 100 km per uur scheuren is verleden tijd geworden. Enerzijds door het punten rijbewijs, en anderzijds omdat de verzekeringsmaatschappijen behoorlijk de hand op de knip houden als blijkt dat er te snel gereden is. Behalve rond lunchtijd rijdt men hier een stuk minder gestressed.
Zo kom je af en toe joekels van tractoren tegen op die smalle weggetjes en kun je niet anders dan de berm in. Zelfs Fannie merkt dan op hoe soepel dat allemaal gaat. Allebei wijk je een beetje uit en kun je met een sukkelgangetje langs elkaar heen rijden. Zo gaat dat op het platteland. Niemand die zich persé eigenaar van die meter asfalt wil maken. Allebei met twee wielen de berm in, nog even de hand opstekend en hop stuur je je twee wielen weer uit de modder het asfalt op. In de winter worden de zijkanten van sommige van die smalle weggetjes dan ook volkomen aan gort gereden. Ieder jaar zie je daardoor dan ook ploegen wegwerkers nieuwe stroken asfalt op de zijkanten plakken. Verbreden zit er niet in. Daar is ook niet altijd ruimte voor. Bovendien zullen boeren dan land in moeten leveren en dat is een behoorlijk moeilijk verhaal. Dat gebeurt of kan dan ook niet. Dan maar jaar in jaar uit de asfalt wagen erover. In de zomer kom je giga hooi en oogstmachines tegen die echt niet opzij kunnen zonder de greppel in te kiekelen. Je zoekt dan allebei naar een plekje waar de personenauto van de weg af kan om een combine te kunnen laten passeren. Dat doet zowel de chauffeur van de combine als jijzelf, zodra je elkaar in de smiezen krijgt. Dat gaat bijna altijd goed. Niemand die opgewonden raakt of zijn vierkante centimeter van de weg claimt. Die enkele keer dat je elkaar niet op tijd gezien hebt rij je gewoon achteruit en schiet een zijweg in of een parkeerplek. Daar gunt iedereen je de tijd voor. Geen opdrukken of geërgerde gebaren komen daar aan te pas. Bij het passeren wordt met een gebaar even bedankt en je knart weer verder.

Druk
In Epinal zelf was het extreem druk op de weg. Nu ja, geen files of zo, maar een keertje extra wachten voor een stoplicht zat er dit keer wel in. Bij de Brico zagen we een enorme slang langzaam doorrijdende auto's. Dat bewoog zo langzaam dat we bange vermoedens kregen. Gelukkig bleek het bij de Brico zelf niet zo druk te zijn en scoorden we de materialen redelijk snel. Dan op weg naar Carrefour. Allemachtig, daar kon je bijna over de hoofden lopen. Nu heb ik sowieso al een pesthekel van veel mensen op een vierkante meter, daar krijg ik het Spaans benauwd van. Niet mijn favoriete ding om zo te winkelen. Afijn, tanden op elkaar en die laatste dingen voor de kerstweek inslaan. Opvallend is wel dat eigenlijk niemand je aanstoot. Dat is in NL wel wat anders. Daar beukt de gemiddelde shopper je gewoon opzij als het extreem druk is. Hier probeert men lichamelijk contact ten alle tijde te vermijden. Dit doe je ook door "Pardon!" te roepen en ziet: de mensen massa wijkt. Raak je toch iemand aan dan is het "excusé moi" want tegen mensen opdringen of duwen is gewoon "not done" in LDF. Dat wordt als onbeschoft gezien. Je wacht even totdat de ander gepasseerd is, dat wordt weer met een glimlach beloond, of de ander geeft je gelegenheid. Karretjes worden snel uit de weg getrokken als men het in de gaten heeft, of je hoort weer: "pardon!", waarop je rap vrij baan maakt. Zo is het eigenlijk nooit een gedrang in winkels. Toch werkt die mensenmassa op mijn zenuwen dus ook die shopping tour was snel over.
Uitspraak
Fannie wilde cranberries hebben voor het gerecht voor de kerst. Tja, wat is dat in het Frans? Zij stelde voor het met de Engelse naam te proberen. OK, dan maar op zijn Frans uitspreken. Dus: "krànberrieees", waarbij de i langgerekt uitgesproken en beklemtoond wordt. En verrek, dat werkte! Na een paar keer heen en weer gelopen te zijn binnen de groente afdeling wist de laatste persoon ons feilloos naar het spul te sturen. Misschien omdat mijn, voor mijn gevoel, overdreven vervorming steeds beter werd begrepen. Dat is toch wel lachen. Veel woorden uit de Engelse taal blijken zo te werken, of op zijn minst begrepen te worden. Een boel Franse smurrie erover, een glimlach erbij, want na twee lettergrepen hebben ze echt wel in de gaten dat je geen Fransoos bent. Dat doet het 'm vaker wel dan niet. Na een paar keer oefenen krijg je dan wat je hebben wilt. Gerookte bacon spreek je uit als "baakóng" en de baliejuf grijpt feilloos naar de door jou bedoelde lekkernij.
Slot
Het slot in de voordeur bleek eigenlijk aan vervanging toe. Het bijstellen van scharmieren en slotvanger hielp niet langer meer. De sleutel ging steeds moeilijker rond en af en toe klemde de zaak. Een mooie gelegenheid om eens kennis te maken met een slotenmaker. Na een zwak begin, waarbij meneer even duidelijk gemaakt moest worden hoe zaken te doen met Le Mouton Qui Rit, ging alles als van een leien dakje. Sterker nog, tot onze stomme verbazing kwam de baas speciaal langs om te checken of alles in orde was. Werden we het ook nog eens over de vervanging van een ander slot. Vervolgens werd er keurig gemeld dat het materiaal nog niet was aangekomen en het na de kerst zou worden. Keurig, zoals je gewoon bent dat er met jou als klant wordt omgegaan. Het is niet erg dat er iets niet op tijd kan komen, maar méldt het dan. Dat is het grote manco hier in LDF. Je hoort niets, soms weken lang, en dan ineens, als je de klus zelf al gedaan hebt of aan een ander hebt uitbesteed, staan ze plotseling voor je neus. Tja, dan is het tijd voor een confrontatie. Dat laatste vinden fransjes minder aangenaam. Daar heb ik geleerd op te anticiperen door dat vanaf het begin duidelijk te maken. Zit er iets tegen: melden. Dan zoeken we er samen een oplossing voor. Niet melden is opdracht verliezen. Daar zijn de leveranciers de laatste tijd redelijk gevoelig voor geworden. Als je het ergens niet mee eens bent dan even van je afbijten, waarna de dingen weer soepel gaan lopen. Toch altijd met een glimlach, en beleefd blijven, hoe pissig je ook bent. Dé toverformule in LDF. Uiteraard ontslaat je dat niet van je plicht om mensen de grond in te prijzen als dat nodig is. Als je leverancier begint te kermen dat het "pas gentil" (niet vriendelijk) is dan weet je dat je hem geraakt hebt.
Zou ik dan eindelijk leren om te gaan met de fransjes?
Afijn, in de voordeur zit nu een pracht van een nieuw slot met zo'n computer sleutel plus pasje en hebben we ook nog eens voldoende reserve sleutels als bonus. Kunnen we de gasten tenminste een sleutel meegeven mochten ze laat terugkomen van een copieus diner. Dat was altijd een van die kleine dingetjes die me hinderde als er gasten waren. Je kon dan eigenlijk niet van huis weg om bijvoorbeeld boodschappen te gaan doen, of je moest de voordeur open laten als je achter bezig was. Nu nog die bel bij de voordeur. En ook hier kan een van de Raspi's een oplossing bieden. De Raspi computer die nu de CV kachel regelt kan best een extra functie krijgen door ook de voordeurbel te gaan bedienen. Zoiets is dan zelfs via het netwerk te regelen. Lijkt me weer een leuk projectje voor in de lente.

20 december 2013

Omgangsvormen

Etiquette
Woon je net in La Douce France dan struikel je geheid over de Franse beleefdheidsvormen. Daar zijn de fransjes erg gevoelig voor en is het de tijd waard die een beetje te bestuderen als je er op vakantie gaat, en helemaal als je er gaat wonen.

Hoeveel waarde men hecht aan beleefdheid getuige een in het zuiden van LDF gelegen café (Petite Syrah) opgehangen bord.


bron: internet


De barrista ergerde zich een beetje aan de verruwing van diens klanten. Dat is viraal gegaancomma weg, en staat zelfs in de Nederlandse kranten! Kun je nagaan.
Nu kun je denken dat het zwaar overdreven is. Dat is het niet. Beleefdheid maakt een essentieel zo niet fundamenteel deel uit van de Franse opvoeding in het dagelijkse leven. Als je bij de bakker binnenloopt roep je al "bonjour" (goeiedag), als de bakker je vraagt wat je wilt dan begint ze altijd met bonjour en een beleefde vraag "wat zou u gehad willen hebben" of "waarmee kan ik u voor vandaag een plezier mee doen", of iets van die strekking. Als je geholpen bent dan wens je elkaar een bon soirée (late namiddag of vroege avond), bon fin de journée ('s middags), of gewoon een bon journée (ochtend). Al of niet gepaard gaande met allerlei fraseringen die je wel opgevoedheid weergeven. Zelfs aan de kassa's in een supermarkt worden deze beleefdheden uitgewisseld. Tijdens de handeling van bediening (pakken van brood en afrekenen) volgen vaak nog wat plaisanterieën over het weer, iets wat er gebeurd is, over hoeveel gasten er wel niet zijn, hoe het gaat met die of deze... Korte zinnetjes die je met elkaar uitwisselt. Dat behoort tot de "gentillesse" de beleefdheid- en omgangsvormen in LDF. Hoe beter je elkaar kent, of als je vaste klant ergens bent, willen deze korte uitwisselingen zich nog wel eens oprekken tot een kort gesprekje over het wel en wee in de buurt, over de B&B of de specialiteiten van de bakker. Een gemiddeld fransje is altijd bereid tot een kort onderonsje als de tijd ervoor is. Op het platteland is er altijd tijd, het leven speelt zich daar nu eenmaal minder gehaast af dan in de urbane omgeving. Meer dan hooguit een paar minuten duurt dat niet omdat er dan toch lancunes in het gesprekje beginnen te vallen. Dat is dan weer genânt.

Het doen be-oefenen van deze beleefdheden versoepelt de omgang met de fransjes zeer. Als domme 'Ollander had ik me, voordat ik richting LDF vertrok, wel een beetje op de hoogte gesteld van de etiquette, maar de finesses moet je toch echt in de praktijk leren. Heel langzaam slijpt het erin en doe je dat als vanzelfsprekend. In het begin ging dat nog wat stroef, dat was merkbaar. Of heb je in het begin een zekere gêne om bij binnenkomst in de winkel hardop "bonjour!" te zeggen. Langzaam wordt het je duidelijk dat het zo hoort en verdwijnt de gêne. Het werkt eigenlijk net als een diner: voorgerecht, hoofdgerecht en toetje. Inclusief een paar entremets over koetjes en kalfjes tijdens de bediening en het afrekenen. Het is het waard gebleken daar ietwat op te hebben zitten studeren. Grappig is wel dat als je al die beleefdheidsfrases in het Nederlands over zou zetten dit nogal koddig enouderwets voorkomt. Wat te denken van: "waarmee heb ik het plezier u voor vandaag mee te mogen voorzien". Buiten dat dit krom Nederlands is, zou je nogal raar staan te kijken als men je dat in een NL winkel zou vragen. In de duurdere of chiquere zaken waar men nog op het klassieke publiek is gericht kom je dit in NL nog wel tegen. Maar bij een bakker of slager?
De fransjes vatten dit serieus op. Owé als je tegen deze etiquette ingaat. Dan neemt men op een subtiele manier wraak. Nadrukkelijk verstaan ze je dan niet goed, laten je een beurt overslaan, of zelfs het publiek laat duidelijk merken dat je maar een lomperik bent. Lomp zijn in LDF is dus absoluut NOT DONE. Wordt men lomp tegen je, en dat komt best wel voor, dan is er meestal iets aan de hand. Ofwel jij hebt je als een lomp figuur gedragen of je bent als buitenlander gescout en dan is men toch een ietsjespietje minder vormelijk beleefd tegen je. Sla je ze alle wapens uit handen door je uit te putten in beleefdheden, dan ontmoet je vaak een vertederende vriendelijkheid, gemengd met zelfs een beetje respect. Afhankelijk hoe uitputtend je de beleefdheidsfraseringen gebruikt. Je ziet ze altijd denken: "Gut wat goed voor een buitenlander, zo 'gentil' dat hij het probeert". Uiteraard vergt het jarenlange training voordat je dit soort zinnetjes met een zekere souplesse over je lippen krijgt alsof het je tweede natuur is. Al begin je maar met bonjour te roepen bij het binnen gaan van een winkel, je wordt meteen beleefd tegemoet gekomen. Heus, na twee lettergrepen uit je mond horen ze écht wel dat je een buitenlander bent. Dat accent raak je never nooit meer kwijt. Daarover heb ik zelf óók geen illusies. Toch, met een beetje extra aandacht voor dit soort dingen in den vreemde lopen een aantal zaken zeker soepeler, zelfs als je van origine een botte 'Ollandais bent.

Tafelmanieren
Dat is weer apart hoofdstuk. Hoe gedraag je je aan tafel. In ons B&B krijg je daar natuurlijk onherroepelijk me te maken. Voor een gastheer gelden weer een setje extra regels.
Van een gastheer wordt verwacht dat hij de mensen op de juiste plaats aan tafel manoeuvreert. Elkaar onbekende families zet je niet door elkaar aan tafel, meisjes gaan bijna altijd bij de moeder en de jongetjes naast pa zitten. De kleine mensen zet je dan weer meer aan het einde van de tafel onder de scherp oplettende ouders. Is het druk, dan verhuizen de kids naar de keukentafel. Mensen die je kent zitten dichter bij het hoofd van de tafel - waar ikke de scepter zwaai - dan mensen die je voor het eerst ziet. Je schalt ook niet in de rondte dat het etenstijd is. Je loopt op de mensen af en met beleefde stem kondig je het diner aan. Zo de mensen al niet zitten te borrelen aan tafel. Soms gaat net zo makkelijk de apéro over in het diner, en dat wel in het soupé. 
Tijdens het diner krijg je uiteraard de verplichte vragen over de gerechten van het menu. In vloeiend Frans, althans na voldoende wijn, verhaal je dan over de ontstaansgeschiedenis van een recept. Er zit soms een waar verhaal achter, wat uiteraard met verve wordt verteld, in mijn soort Frans dan hè. Je schijnt ook je kennis over de cuisine te mogen etaleren als kok, wat ik uiteraard met enthousiasme doe als ik ook maar even de kans krijg. Met sommige gasten heb ik wel eens een hele avond over bereidingswijze, wijnen en ingrediënten zitten keuvelen. Daar leer je goed Frans van. Uiteraard wordt er van de gastheer verwacht dat deze ook over iets anders dan eten kan praten en is literatuur een dankbaar onderwerp. Lezen doe ik genoeg daarvoor. Heb je zo even niets bij de hand dan is er nog de omgeving, het weer, het nieuws van die middag en eventuele rampen of oorlogen die uitgebroken zijn. Vanzelf komt de keramiek ook wel ter sprake en doet men beleefdheidshalve oh en àh. Dat althans is zo'n beetje wat er door fransjes van je als gastheer wordt verwacht. 
Gasten uit NL, BE, DE, CH en andere landen hebben weer zo hun eigen tafelcode. een heel avontuur om dat te ontdekken. Zo zijn Belgen meer gericht op een rondgaand gesprek, Nederlanders willen altijd graag weten hoe je hier terecht bent gekomen, net als de Zwitsers. Allemaal willen ze gewoon lekker eten en de Bourgondiërs als FR en BE vragen bijna altijd naar de recepten. 
Best wel spannend om dat zo uit te moeten vlooien.

14 december 2013

TED

Overpijnzing
Een van mijn meest favoriete kanalen om op het net te bekijken is TED. TED is een organisatie die mensen uitgenodigd om niet alledaagse verhalen op te hangen over een bepaald onderwerp. Dat kan variëren van hoe een T-shirt waterdicht gemaakt kan worden met huis en tuin middeltjes tot aan vortex computing. Er komt dus een pletoria aan onderwerpen aan bod die voor de organisatie interessant genoeg zijn om daar mee te kunnen scoren. Een mix van WOW, AHA en ASJEMENOU. Een redelijk goed gevonden formule, want: geen mainstream.
Alessandro Acquisti bijvoorbeeld had het over het verschijnsel dat privé dingen die ergens geregistreerd raken, uiteindelijk ten nadele van je gebruikt kunnen gaan worden. Een populair onderwerp de laatste tijd, de NSA is de gebeten hond in deze. Ineens worden veel mensen ondervraagd of ze het een probleem vinden dat de overheid alles over je wil weten. Een algemeen schouderophalen is wel de trend in NL, in DE is het trouwens precies andersom. Slechts enkelen beseffen waar het heen gaat: Brave New World van Aldous Huxley.




Wat zegt Acquisti: "mensen kiezen voor geborgenheid in plaats van vrijheid". Waarmee hij precies de spijker op zijn kop slaat. Vrijheid betekend immers dat je zelf beslissingen neemt, de gevolgen daarvan zelf ervaart, maar wel dat je dan kunt denken en zeggen wat je wilt zonder gemanipuleerd te worden door de overheid. Zelfbeschikking heet dat. Aan de andere kant staat: controle over je leven en denken door een andere partij, waarbij het wisselgeld huisvesting en voeding en wellicht scholing is. Er hangt overal een prijskaartje aan, dat mag duidelijk zijn. Wat wil je: vrijheid van handelen en denken waarbij je de consequenties daarvan accepteert, of er wórdt voor je gedacht en je kostje is gekocht. Kies maar, nóg staat het je vrij om dat te doen. Het wordt natuurlijk anders als anderen die keus voor jou bepalen. Dan wordt er, naar mijn mening, een grens gepasseerd waarvan geen terugkeer meer mogelijk is. Dat brengt een wereld waarin geen concurrentie, agressie, vrijdenken, liefde en compassie meer is. Waardoor de mensheid op den duur geen groei meer zal kennen. Groei in mentaal en materieel opzicht. Die agressie kan me persoonlijk gestolen worden, maar is een onlosmakelijk en essentieel onderdeel van ons mens zijn. De drang naar ontdekkingen, maar ook oorlogen worden door agressie gestuurd. Vele soorten drijfveren stuwen de mens naar een hoger plan, als die drijfveren worden geneutraliseerd zal dat nooit meer plaatsvinden en zal het mensdom terug keren naar waar het vandaan kwam: protoplasma.
Je kunt je afvragen: waarom? Waarom wil de overheid iedereen onder controle brengen? Opnieuw: Machiavelli; handhaaf de macht ten kost van alles. Zelfs als het ten koste gaat van je kinderen, geliefde of vrienden en gelijkgestemden.

Toch wel leuk dat zo'n TED uitzending je aanzet om ergens over na te gaan denken, wat ook precies het doel van die lezingen is.

Huisje #22
Een gezelliger onderwerp. Huisje #22 staat op stapel. Bij dit huisje heb ik twee nieuwe elementen geïntroduceerd. 

huisje 22

Namelijk het monteren van losse raamspijlen en met een slibspuitje decoratie aangebracht.

Die losse spijlen werkt iets makkelijker, vastplakken met slib en je kunt van te voren een vorm geven. De bolletjes op het dak, als ware het een parelsnoer, zijn met een soort rubberen blaasbolletje met een spuitmond aangebracht. Alsof je met de slagroomspuit aan de gang bent. Leuk toeltje waarmee je ook goed figuurtjes of teksten op je werk aan kunt brengen. Dit was een beetje uitproberen en je moet er een beetje handigheid in krijgen. Met een hand ondersteunen ging al weer een stuk beter. De slib (dunne klei) leek me net iets aan de te dunne kant.
Dat met die composiet ramen was weer een veredelde oefening in het monteren. Doe je dat met klei die veel zachter is (meer water) dan de klei waar je het op plakt dan gaat dat geheid scheuren. Alleen de spijlen met een ringetje er omheen zijn later gemonteerd. Die rozet lijkt me een dankbaar element om eens verder mee te gaan. 
Die bolletjes zie je als dakelementen vaak terug komen in het werk van Gaúdi. Vaak als dakpannen / dakschorsen of als versierselen in allerlei vorm. Op ceramics Daily zag ik een demo van die bolletjes, dat ga je dan meteen uitproberen. Of #22 het haalt in de oven is even de vraag omdat ik met twee verschillende densiteiten in de klei heb gewerkt. Gewoon afwachten. Bij het drogen komt dat als eerste te zien. Het was ook maar een vinger oefening. 

Huisje #21 
Tegen beter weten in heb ik toch geprobeerd nummer 21 te repareren, ook om te zien of dat toch niet toevallig zou gaan. Niet dus. Misschien moet ik dan toch eens met wat ze "Paperclay" noemen gaan werken. Dat is gewone klei met veel papiervezels erin. Dit mengsel van klei en papier kan een enorme spanwijdte overbruggen en is naderhand ook gewoon met de zelfde massa te repareren of bij te werken. De vezels zorgen voor extra vormvastheid tijdens het boetseren maar ook bij het bakken. Het papier verbrand uiteraard tijdens het bakken en laat dan holtes over in het werk. Dat maakt dat het object ook extreem licht aanvoelt. Niet geschikt voor gebruikskeramiek denk ik dan weer en absoluut niet om buiten neer te zetten in de winter. Ga ik beslist eens iets mee doen.

Info:
  • Een paar maanden geleden heb ik Rosette Gault's boekje Paperclay gekocht een perfect boekje om met paperclay aan de gang te kunnen gaan. Papierklei maak je door bijv. kranten of WC papier op te lossen in water en dat te mengen met je favoriete klei.
  • Een mooie site om eens te bezoeken over keramiek is dus Ceramics Daily. Die site staat tjokvol zeer goede demo filmpjes, boek besprekingen, waarvan je een uittreksel kunt downloaden, besprekingen van andere onderwerpen en zo voorts.
  • Een NL site is Klei, ook een goed forum met veel tips over exposities, waar kun je wat krijgen / kopen en keramiek markten in NL en Europa.
  • Dan heb je natuurlijk nog Youtube, op Vimeo staat toch beduidend minder info.





11 december 2013

Bucket List

Gisteren is de kerstverlichting aan de lantaarnpaal aangezet. Stopt er een witte truck met zo'n liftbakkie voor ons huis. Stapt er een manneke in, gaat omhoog en haalt een schakelaar over. Dan rijdt de truck 2 palen verder en het feest van het licht herhaalt zich. Mij uiteraard opnieuw in stupifactie achterlatend waarom dat niet remote gedaan kan worden. Scheelt toch weer een paar honderd euries per jaar om zo'n mannetje langs te laten komen. Uitdoen gaat weer op dezelfde manier. Folklore meneertje, zegt er eentje tegen me. Ja die lichtversiering. Da's prima, een lichtpuntje in de donkere winter. Zouden ze de straatlamp dan niet op halve kracht kunnen zetten? Die nieuwe lampen geven een bak licht af van heb ik jou daar. Daar valt die kerstverlichting helemaal bij weg. Zonde toch. In alle dorpen in LDF hangt er kerstverlichting aan de lantaarnpalen, dat is leuk om te zien als je er doorheen rijdt in de avond. Ja, dus folklore.
Er is per 1 juli van dit jaar ook een wet gekomen die verplicht de verlichting die op openbare gebouwen staat en in etalages brandt na 1 uur 's nachts uit te doen. Trekt overduidelijk niemand zich ook maar iets van aan. Duidelijk gevalletje van boetes brengen meer op dan de besparing. Wel jammer. Zelf zou ik een stapje verder gaan en de verlichting alleen aan laten gaan als er zich in de nabijheid iets beweegt. Die paar watten voor die sensoren vallen in het niet tegen de besparing. Ook ons stadhuis staat na enen nog vol in het licht. Jammer. Een gemeenschap die voor meer dan 1300 eurie per kop van de bevolking in schuld staat ( bijna 3 ton) zou dat toch mooi kunnen aangrijpen als besparing. Ik zou subiet de lampen uit doen, of op z'n minst op halve kracht.
Wellicht met de nieuwe burgemeester volgend jaar dat het beter gaat worden met de gemeentelijke financiën.

Bucket List
Het is de tijd van lijstjes weet je nog?
Zo heb ik de film "Bucket List" nog eens bekeken (Nichelson &  Freeman). Die gaat over twee oude mannekes waarvan de ene bulkt van het geld (Nicholson) en de ander (Freeman) geen nagel heeft om de kont te krabben. Ze komen allebei met kanker in het ziekenhuis in een kamer te liggen. De arme knakker ligt ineens een lijstje te schrijven met dingen die hij nog zou willen doen voor hij aan de grote oversteek begint (Things to do before you hit the bucket). De ander is natuurlijk rete nieuwsgierig wat er op dat lijstje staat. Daar komt ie uiteindelijk achter en hop ze gaan er voor. Echt een kerstfilm zou ik zeggen. Gewoon legaal via Youtube te zien. Of vast wel ergens op een downloadsite via Geenstijl.nl te vinden (klik op het bootje).

Af en toe denk je zelf wel eens aan je eigen Bucket List. Die groeit en krimpt gedurende het jaar kan ik wel zeggen. Zonder dat nu alles duidelijk op papier is gezet, dat gaat me dan weer te ver, is een beetje dwangmatig. Heel veel mensen hebben een Bucket List volgens mij. Vaak dingen als huisje boompje beestje. Of carrière, geld en macht. Ja, the sky is the limit. Op mijn virtuele lijstje stonden zaken als: Borobudur, de Piramides in Egypte, IT architectuur, in het buitenland gaan wonen en een aantal dingen zoals die ook op de lijst in de film stonden. Niets bijzonders of opzienbarends dus. Er staan nog de Chinese muur, bijzondere dingen maken in klei: mijn ideaal beeld van een pot. Eindelijk iets van zwaartekracht begrijpen en meer van dat soort dingen. Zo is er door mij al heel vroeg met de Bucket List begonnen zonder dat ik me dat bewust was. Het kan gezegd worden dat de lijst al een behoorlijk stuk afgewerkt is. Dat geeft een gevoel dat je het met je leven nog niet zo slecht gedaan hebt, of niet dan.
Voor de wolkenruiters onder ons: dingen als de wereld verbeteren, wereldvrede en iedereen te eten, zijn een beetje ver van mijn bed dingen. Onwezenlijk voor mij omdat dit meerdere generaties doelgericht plannen vraagt. Jij als individu kan daar eigenlijk niets aan bijdragen. Besef dat zo'n Bucket List uit realiseerbare dingen moet bestaan, egoïstischer kan het bijna niet. Je onbereikbare jeugdliefde veroveren is een mooi romantisch doel, maar hoe reëel is dat? Bucket List dingen zijn vaak de kleine dingen die van bijna onschatbare waarde voor je kunnen zijn. Op een zwoele zomeravond bij zonsondergang de hand van je schatje op je schouder te voelen liggen is veel meer waard dan een reis naar het midden van de aarde. Voor anderen liggen de criteria natuurlijk anders, dat beseft ik ook wel. Zo is er ook dat intens genieten van een zoemende draaischijf en je hebt bijna "die pot" op je plaat staan. Er is dan geen teleurstelling als het die keer net niet lukt, meer een gevoel van: ik ben er bijna. Een fantastisch gevoel is dat, als je vingers doen wat je geest denkt. De lijst is in beweging, er komen dingen bij en soms gaan dingen af omdat ze verwezenlijkt zijn.

The Bird
Van de week moest ik bij de voorraad vogelvoer zijn en til een zak op die toch wel erg licht was voor zijn doen. En ja hoor! De muizen hadden zich eraan tegoed gedaan. De winter hè! Dan kruipen de muizen de huizen in. Aan het pak ernaast hadden die beestjes zich ook tegoed gedaan en stonk naar uitwerpselen. "Dat gaat Flop niet leuk vinden", dacht ik nog. De voorraadbak dreigde leeg te raken, er móést dus nieuw voor komen. In LDF kun je niet het voer krijgen wat Flop gewend is, dat neemt Fannie dan iedere keer mee. Maar ik had ergens zonnepitten gezien, hop in de auto, en meteen maar cement halen voor het nieuwe trapje. Zakje zonnepitten en iets zwarts erbij gehaald, ff gemengd en in zijn bakkie gedaan. Dat beviel niet echt. Wat partjes mandarijn en stukjes banaan gingen er wel in. De volgende dag was Flop in een niet al te best humeur en keerde zelfs zijn kop af voor wat ie anders uit mijn handen trékt, bij wijze van spreken. Mèrde. Dan maar weer op jacht naar ander voer voor Floppy. De vogelzaad afdeling werd nu uiteraard iets nauwkeuriger gescand. Opeens zag ik iets dat leek op het oude voer, opluchting. Stond zowaar een foto van Floppy op, hoe had ik dat de vorige keer nou kunnen missen. Eerst maar eens een klein zakkie kopen en kijken wat het wordt. Ook nog ff wat boodschappen voor de rest van de week, even langs de wijnrekken, eendenborst was in de uitverkoop. Scoren is dat. Zag ook nog een leuk wijntje.

Terwijl ik de blog zit te schrijven hoor ik the Bird knagen. Probleem opgelost. Chippie kwam ook weer mekkeren aan de buitendeur, afijn, de veestapel is weer compleet. Waar die kat in de winternacht dan blijft is mij een raadsel. Niet bij de schapen, dat is wel zeker.

Kassaleed
Dan, op naar de kassa. Oempf! Druk. Als je dat ziet bereid je dan voor op een lange wacht. Hoe gaat dat hier? Nou zo! Betreft het een stel dan ontstaat er vaak een discussie over een fles dit of een pakje dat. Het klinkt dan altijd in verbaasde toon van: "Heb jíj dat gekocht?" De ander mompelt dan wat en de vrager kijkt vervolgens nog eens misprijzend naar het artikel. Legt het artikel aarzelend op de band en pakt het volgende stuk. Als eindelijk alles op de band ligt, de kassajuf begint niet eerder te scannen totdat álles uit het wagentje is, volgt een voor mijn gevoel tergend langzaam gebliep bliep. OK, dat kan ik nu als normaal bezien. Maar vanmiddag was de limiet van mijn geduld bereikt. Helaas zat ik klem tussen de voorganger en iemand achter me die me voortdurend met rollen pakpapier in het been aan het stoten was. Ik had die kar eigenlijk moeten laten staan. Namelijk. Twee oudere vrouwen waren aan het bedisselen wat nu voor wie was tijdens het op de band leggen. Zucht. Uiteraard waren de boodschappen niet naar behoren gescheiden. Dan volgde het gebliep. Weer een discussie waar het moest ophouden voor de ene en begon voor de ander. Er werd wat terug geboekt door de kassajuf en het eindbedrag werd afgeroepen. Verwarring. Oh ja sjekkie schrijven. Er werd in de über grote tas gegraven en na ampele seconden kwam er een chequeboekje naar boven. Pennetje zoeken, schrijf schrijf. "U hoeft alleen uw handtekening maar te zetten hoor", zei de kassajuf nog. Schrijf schrijf. Zucht eindelijk klaar die. Blieperdeblieb ging het weer en dame 2 kreeg nu een bedrag te horen. Pasje? Ja doe maar. Pasje dood verscheen het op de terminal, "muet" heet dat hier. Letterlijk: doof. Kan gebeuren. Een discussie ontstond tussen de twee dames en de kassajuf. "Nee ik heb geen cheques, geen cash" klonk het bedremmeld. Discussie over "ga ik dat per cheque betalen, maar ik moet het wel meteen weer terug hebben hoor", in synopsis dan hè. Want dit duurde wel weer een minuutje of wat. Weer graaf graaf, pennetje, schrijf schrijf. En, oh wonder! Zelfs de in mijn rij wachtende fransjes werd dit teveel. Die begonnen zich echt, niet te gelóóóven, te roeren. Dat dit toch wel teveel was. Deze jongen was totalement stupifié, wat zullen we nu krijgen! Fransjes die beginnen te morren! Echt waar, voor het eerst dat ik dit meemaak, mijn dag is weer gemaakt!
Dit tafereel heeft naar mijn gevoel zeker 10 minuten geduurd, maar in ware tijd zal het dichter bij de 5 liggen denk ik. Na die vijf minuten gingen er opeens nog twee kassa's open. De rijen waren nogal lang geworden. Die kassajuf bleef stoïcijns onder dit alles en ging onverstoorbaar door in haar tergend lage tempo, bliep, blieb. Het tussenplankje voor de volgende klant moest ik maar zelf bij een andere kassa wegpakken ;=(
Zo gaat dat hier. Praatje, bedrag horen, dan pas chequeboek uit de tas zoeken, nog wat ge-OH, discussie, de kassa print de cheque vol, prt prt volgen een boel kassabonnen en men sjokt de winkel uit. Goed, duurt altijd wat langer dan in NL, daar ben zoals ik zei nu langzamerhand wel aan gewend geraakt. Wat mij blijft verbazen, is dat de kassajuf nooit begint te scannen als niet eerst alles op de band ligt. Ook al ben je de enige klant en is de band verder leeg. Gniffelend om de opstand van de fransjes ging ik op weg om cement te halen.